27-03-2014 – “thanks for the ride!”

Met deze goedbedoelde woorden probeerden wij het ijs wat te breken, maar helaas. Alleen de chauffeur glimlachte wat, de anderen leken ons niet te begrijpen, maar dat was maar schijn. Ze wilden gewoon geen grapjes, eerlijk gezegd wij ook niet, want we hadden al een paar uur eerder kunnen gaan slapen als die poppenkast niet begonnen was. Nu stonden wij net na middernacht in Sarakhs voor Hotel Dosty, waar de laatste gasten van een bruiloft zich naar huis begaven.

Onze paspoorten kregen we nog niet, tenminste niet eerder dan straks om acht uur in de morgen. Dat maakte ons weinig uit. Misschien dacht men van wel, maar wij hadden toch geen andere plannen dan eerst wat te gaan slapen na zo’n enerverende dag, die begon met een babbel met wat herders, een team van radio en televisie tussendoor, om te eindigen in een grote bivaktent van het leger, waar ons tentje niets van het noodweer merkte.

Daarin dachten wij om half acht lekker te gaan slapen, maar dat liep wat anders dan verwacht. Later bleken ook de twee agenten, die ons een plaats in de tent hadden gegeven en wat fruit en snoeperij hadden gebracht, dit met een diep “sorry” heel jammer en zelfs gênant te vinden.

“Mister … mister …!” Omdat het toch geen zin had ons slapende te houden, hebben wij onze hoofden maar buiten de tent gestoken. Een man in uniform, we hadden hem nog niet eerder gezien, vertelde ons dat het slapen hier niet door de “Marshal” werd goed gevonden. We moesten maar mee naar binnen gaan. Toen wij de goede man duidelijk hadden gemaakt, dat wij deze voor hem oncomfortabele manier van slapen gewend waren en wij geen reden zagen op meer naar binnen te gaan, vertrok deze weer.

Een half uurtje daarna hoorden wij een bus aankomen. Het was geen lijndienst, maar een groot grijs vehikel van de politie. Men zou ons naar een hotel brengen. Wel vreemd, want voor ons was er in de wijde omgeving geen hotel te vinden, want anders hadden wij die met dit weer wel opgezocht. Maar goed, zij zouden het wel weten. Misschien was het wel een “Oranjehotel”. Dat was ook goed, als we maar gewoon wat konden slapen, want het was inmiddels acht uur geworden.

Toen wij vroegen of zij ons morgen ook weer hier naartoe brachten, want dan konden wij alles gewoon hier laten, begrepen wij dat al onze spullen met de bus mee moesten. Wel jammer, want dat betekende voor de derde keer die dag het tentje afbreken en alle spullen weer inpakken. We probeerden het nog even, maar zagen dat we er goed aan deden, ons gewoon in ons lot te schikken. We hoorden wel dat het hotel in Sarakhs zou staan, de plaats aan de grens met Turkmenistan, waar we pas vandaag aan hoopten te komen om morgen de oversteek te maken.

En toen, nog steeds volledig bewaakt, zo’n vier uur later, na twee onder- vragingen, diverse paspoortcontroles en een bezoek aan een plaatselijk ommuurd gebouw met een groot hek met prikkeldraad erop, waar men door een luikje een conversatie had en papieren werden uitgewisseld, stonden we aan de balie van het hotel waar men ons al had ingecheckt. We denken dat ze niet vaak mensen hebben gehad, die zo nuchter en geduldig alles over zich heen hebben laten gaan.

De reden van dit alles? We weten het nog steeds niet, het is wel grens- gebied (niet met Afghanistan, zoals men ons eerst wilde doen geloven, maar) met Turkmenistan, maar we hebben langs de weg van diezelfde politie twee controles gehad en men heeft ons nergens op gewezen. Toen wij dit tijdens een ondervraging op tafel konden leggen, was dat snel afgelopen en mocht Maria nog even laten zien welke fotootjes zij zoal genomen had, Guus hoefde dat gelukkig niet. Of we ooit Iran nog binnen kunnen komen, zal voorlopig nog wel een raadsel blijven.

De ontvangst in het hotel was hartelijk. We waren niet de eersten die dit zijn overkomen. We kregen meteen het gastenboek voor ons open- geslagen, waarin twee jongedames een stripverhaaltje hebben gemaakt van hun belevenissen en waarin wij ook kunnen zien dat Joanna en Nuno, de Portugezen die wij in Yazd hebben ontmoet, er ook zijn geweest.




Vandaag waren we toch wel blij met de “lift” die wij gisteren hebben gekregen. Het heeft ons minimaal een dag fietsen in felle wind en harde regen bespaard.

Sarakhs zelf is een stoffig grensplaatsje, waar men ons herhaaldelijk vraagt of we op de fiets zijn. Het is toch heel onwaarschijnlijk dat men ons hier kent. Maar later valt het kwartje. Sarakhs – Farap is de kortste route door Turkmenistan. De enigen die hier een dag of wat verblijven zijn fietsers, die op doorreis zijn en die veelal, na de in vijf dagen afgelegde afstand door deze voormalige Sovjetrepubliek, hier wat aan het bijkomen zijn.


routelink                               http://goo.gl/maps/MqN4r

standplaats                           Sarakhs

route kilometers                       0                       totaal                   5793

extra kilometers                       0                       totaal                     543

hoogtemeters                           0                       totaal                 30571



25-03-2014 – het weer blijft grillig – de (grens-) politie  ook

Het was gistermorgen heerlijk fris toen wij vertrokken. De zon scheen weer en hij zou dat, volgens de voorspellingen, ook de komende dagen blijven doen. Al leken de bergen dichtbij te liggen, we deden er toch redelijk lang over om ze te bereiken. Toen we er waren aangekomen, waanden wij ons toch eventjes ergens op de alpenweiden.




Maar diezelfde bergen kregen daarna, misschien door het diepzwarte gesteente, iets dreigends.



We waren dan ook blij, toen we aan het eind van de middag zo ver waren afgedaald, dat wij ons tentje op een stukje sneeuwvrij gras konden opzetten. Alleen Stoffel de Schildpad moest niets van die vreemdelingen hebben en ging een eindje verderop in het zonnetje zitten.



Vanochtend werden we geconfronteerd met hoe mooi en groen de natuur hier in het voorjaar kan zijn, mooie vergezichten en half verscholen dorpjes, die soms grote kuddes schapen herbergen.





De mensen zijn hier, in tegenstelling tot in Tobat-e Jam, heel vrolijk, gezellig en open. Het duurde dan ook even voordat wij weg konden komen.



In  Saleh Abad wilden we wat inkopen kunnen doen, maar ook dat ging niet zomaar. Ene Mohamad Reza, reporter van de plaatselijke krant wist hij te vertellen, wilde over ons een artikeltje compleet met fotootjes schrijven. Het voor hem zo belangrijke interview duurde wat langer dan wij verwachtten, waardoor wij druppelsgewijs werden omringd door nieuwsgierigen, die ook het naadje van de kous wilden weten.



Daarna fietsten wij het plaatsje in, de reporter op zijn brommer achterna, want die wist waar brood te koop was. We zijn nog niet afgestapt of de grootgrutter van de overkant kwam met een flesje Cola Cola en Fanta op de proppen. De reporter had inmiddels brood voor ons gekocht. Een blokje tonijn kregen wij van een jongeman en een ander haalde bij een fruitstal twee sinaasappelen voor. Dit alles gebeurde in nog geen vijf minuten. Maar denk niet dat je daarmee uit de voeten komt.   

Nee, het duurde natuurlijk wat langer om met iedereen op de foto te gaan en te vertellen waar we vandaan komen en hoe het verdere verloop van onze reis zal zijn, of we getrouwd zijn, of we kinderen hebben, enzovoort.



Toen de nieuwsgierigheid een beetje was geslonken, wist de reporter ons uit het “opstootje” los te praten. Hij moest wel, want hij bleek nog een andere verrassing voor ons te hebben. Even verderop stond een man een camera op een statief te plaatsen. “Uitzending morgenavond om acht uur” werd ons toevertrouwd. Na voor de camera ons zegje te hebben gedaan, lieten ze ons vertrekken, maar wel pas na onze toezegging, dat zij even verderop, al rijdend van ons nog een stukje film mochten maken.



We waren inmiddels al een aardig eind verderop,  maar moesten nog steeds glimlachen, niet alleen om wat er allemaal gebeurd was, maar ook om hoeveel je in een paar uurtjes kunt meemaken. Intussen kwamen we ogen tekort om alles te zien, wat de omgeving te bieden heeft.



Het waait goed als wij aan het eind van onze middag aan de oever van een halfdroge rivier ons tentje opzetten. Aan de overkant ligt Turkmenistan. De lucht is betrokken en ziet er wat dreigend uit. Dit was toch niet hetgeen voorspeld werd. We zullen snel wat gaan eten en proberen vroeg onder de wol te gaan, want de weg die niet al te best meer is, zal het verdere stuk naar de grens niet verbeteren.

En dan horen wij een terreinmotor aankomen, het zijn twee agenten van de “grens-“ politie, die wij bij de laatste controle al eerder hebben gezien, zeer geschikte lui. De politiepost verderop zal ons ongetwijfeld hebben gemist, waardoor ze op zoek naar ons waren gegaan. We mochten hier niet blijven overnachten vanwege wolven en tijgers in dit gebied. Volgens ons zou dat wel meevallen, we hebben langs de weg uitsluitend wat “reclame” voor hier in het wild levende cheeta’s gezien. Vannacht is wel een beest bij onze tent aan het rommelen geweest, maar die ging op de loop, toen hij ons zag. Aan de staart (tussen de benen) te zien was het een vos, een jonge wolf zou het ook best geweest kunnen zijn.

Ons bedje lag nu gespreid. We proberen de agenten nog op andere gedachten te brengen, maar dat lukt (hen bij hun baas natuurlijk) niet. Als wij alles aan het inpakken zijn gaat het hard spetteren en de wind trekt aan. We hebben inmiddels begrepen, dat wij bij de controlepost mogen slapen.

Als wij daar aankomen wordt een grote bivaktent leeg gemaakt en mogen wij daarin onze tent opzetten om te slapen. Buiten regent het inmiddels hard en de wind rukt aan het canvaszeil van de politietent, maar ons deert dat niet, de wind voelen we niet en onze tent wordt niet nat. Even daarna wordt voor ons nog wat te eten en te snoepen gebracht. Wat wil je daarna nog meer dan lekker te gaan slapen. Zou dat ditmaal werkelijk gaan lukken?



routelink                              http://goo.gl/maps/u1Pmr

standplaats                          Saleh Abad + 30 km

route kilometers                   114                        totaal                   5793

extra kilometers                       0                        totaal                     543

hoogtemeters                      1581                       totaal                 30571



23-03-2014 – het is  lente geworden  - want het blijft regenen

Gisterochtend hebben wij in het restaurant van de buren weer wat aan de site kunnen doen en zijn daarmee bij redelijk up-to-date gekomen. Dat komt goed uit, want er zal op onze weg naar de grens naar Turkmenistan, waar we over vijf dagen de oversteek maken,  weinig aan gewerkt kunnen worden.

Omstreeks het middaguur zijn wij door een heftige regen naar het bus- station gefietst. De lucht was donkergrijs en het water kolkte in de straten. Het was trouwens de hele morgen nog niet droog geweest, maar dat was het wel toen wij gisteren in Torbat-e Jam aankwamen. Van hieruit moet de tweehonderd kilometer lange en relatief zware rit met steile klimmen en afdalingen, naar de grens goed te doen zijn.



Gistermiddag was het hier al koud. Vanochtend toen wij opstonden regen- de het gestaag, een regen die later overging in kleine natte sneeuwvlokjes. Wie zich niet op straat hoefde te vertonen, deed dat ook niet. We hadden, inclusief vandaag, vijf dagen om aan de grens te komen. Het zijn er inmiddels vier geworden omdat wij  vanochtend niet op weg zijn gegaan en in het hotel zijn gebleven, een hotel dat medio jaren vijftig uitstraalt, waar gaslicht nog aan de muur zit vastgeschroefd en de keuken een Bruynzeel uitstraling heeft, maar volledig uit plaatstaal is gemaakt (inclusief deurtjes).



Toen het droog werd zijn we er nog even op uitgegaan om een tombe uit de twaalfde eeuw van een of andere sjeik te bezoeken. Gewoon om wat anders te doen want deze stad kent geen enkele gezelligheid, maar dat zal ongetwijfeld met het weer te maken hebben. De boom In de tuin van de tombe is misschien wel de echte publiekstrekker, want dat is een van de oudste pistachebomen.



Aan het eind van de middag is het opgeklaard. Vanuit de hotelkamer zien wij de besneeuwde bergen, waar wij overheen moeten, al uitdagend liggen. Zou het morgen lukken?




routelink                               http://goo.gl/maps/0XGVz

standplaats                          Torbat-e Jam

route kilometers                      5                        totaal                   5679

extra kilometers                      0                        totaal                     543

hoogtemeters                          0                        totaal                 28990



21-03-2014 – “No Ruz” – het Iraans nieuwjaar

Zoals de nacht van Yalda (op 21 december) een puur familiefeest is, zo is “No Ruz”, het Iraanse nieuwjaar dat ook. Het duurt vier dagen. Men gaat naar familie of gaat samen met hen naar elders, naar religieus toeristische trekpleisters zoals Mashhad en Qom, die ook dit jaar weer op grote aantallen bezoekers mogen rekenen.

De treinen zijn lang van tevoren volgeboekt. De hotels in die steden puilen uit. Het is een ware volksverhuizing. We hebben ze de afgelopen dagen ook zien rijden. Nagenoeg elke personenauto, die we tegenkwamen zat volgepropt en reed naar z’n bestemming met een afgeladen imperiaal op het dak.

Weer of geen weer, onderweg picknickt men. Is het koud, dan trekt men gewoon een extra deken over de benen heen. Om wat meer sfeer in het geheel  te brengen, neemt men vaak een tentje mee, dat tussen de mid- dag soms door de chauffeur ook gebruikt wordt om een tukje te doen.




Iraniërs zijn kampeerlustige mensen en brengen dat buiten de reguliere plaatsen, in praktijk op parkeerplaatsen, bij moskeeën, in stadsparken, zelfs op een busstation kan je dergelijk materieel aantreffen. Met deze wetenschap is voor ons is de schroom, om ons tentje ergens zichtbaar op te zetten, grotendeels verdwenen.



Gisteren hebben we nog geprobeerd buskaartjes voor vandaag te boeken, maar dat was bij voorbaat eigenlijk al uitgesloten, feest is feest. De eerste bus die we kunnen nemen, is morgen net na het middaguur. Eigenlijk komt dat wel goed uit. Het restaurant van de buren  heeft internet. Wij mogen, alleen voordat het wordt geopend, achterom komen om daarvan gebruik te maken. Daarmee hebben we een redelijke periode van “radiostilte” kunnen doorbreken en de site weer wat bijgewerkt. Voor e-mail en andere zaken waren de paar uurtjes bij de buren tekort, misschien hebben we straks aan de grens met Turkmenistan wat meer tijd en goed internet.

Tussen de buitjes door hebben we deze plaats verkend en gemerkt, dat dit niet een ingeslapen provinciestadje is.





routelink                               http://goo.gl/maps/A8XgU

standplaats                          Torbat-e Heydariyeh

route kilometers                      0                        totaal                   5674

extra kilometers                      0                        totaal                     543

hoogtemeters                          0                        totaal                 28990



19-03-2014 – het is vijf voor twaalf - de tijd begint te dringen

We hebben de landkaart voor ons open liggen. Rechtsboven tegen Turk- menistan aan ligt Sarakhs, aan de andere kant van de grens (nagenoeg hetzelfde geschreven) haar zusterstad Serahks. Over precies negen dagen, moeten wij op dit moment, beide steden al achter ons hebben gelaten, want dan is de race tegen de klok werkelijk begonnen. In vijf dagen moeten wij de grens met Oezbekistan hebben bereikt, want ons transit- visum duurt immers niet langer.

De laatste dagen kwamen wij erachter, dat de kans heel groot was, dat wij dagen tekort zouden komen om op tijd aan de grens aan te komen. Er een dag later zijn is geen optie, omdat dan nog maar vier dagen resteren om Oezbekistan door te steken. En als het maar eventjes kan, willen wij in dat land de oude stad Merv (bij Mary) ook nog even bezoeken.

Het hier inmiddels lente geworden, wat betekent dat het weer wissel-valliger is. Dit hebben wij gisteren van een jongedame vernomen, die ons bij de zoveelste politiecontrole, ter afwisseling gelukkig gezelschap kwam houden. Voor hen is de wisselvallige lente met haar regen en soms een warme zon, een heerlijk jaargetijde, zo vertrouwde ze ons toe. Voor ons betekent dat wel, dat de kans bestaat, dat wij daardoor vaker een dag niet zullen fietsen.

Gisteren, toen wij de weersvooruitzichten zagen, hebben wij in de loop van de dag de knoop doorgehakt. We zijn naar Kashmar doorgefietst, waar we vandaag omstreeks het middaguur zijn aangekomen, om de bus naar Torbat-e Heydariyeh te nemen. Dit sloot wonderwel mooi aan, want na een broodje waarop wij door een buschauffeur werden getrakteerd, ver- trok de bus naar onze eindbestemming van vandaag, een goede tachtig kilometer verder.

Door een “snoepkoekjes”-bakker en zijn buurman geholpen, hebben wij het enige hotel in deze stad weten te vinden en bestuderen we op dit moment de verdere mogelijkheden om aan de grens te komen. Om Mashhad te vermijden proberen wij langs de noordoostgrens te reizen. Als wij hiervandaan de bus naar Torbat-e Jam nemen, moet het daarvandaan naar Sarakhs goed aan te fietsen zijn. Het lijkt ons een goed plan. Morgen eerst maar daarvoor de kaartjes regelen.

Achter het hotel staat een beschilderde blinde muur, iets dat in Iran heel vaak voorkomt. Alleen deze steekt qua kwaliteit boven de andere een beetje uit.



En voor de liefhebbers hebben wij nog een oude DAF uit eind jaren vijftig / begin jaren zestig gespot.




routelink                               http://goo.gl/maps/A8XgU

standplaats                          Torbat-e Heydariyeh

route kilometers                    99                         totaal                   5674

extra kilometers                      0                         totaal                     543

hoogtemeters                      354                         totaal                 28990



17-03-2014 – vanochtend vanuit de modder vertrokken

Gisternacht hebben wij wonderwel toch nog wat geslapen. Met wakker blijven los je immers niets op. We zijn wel twee keer naar buiten geweest om in drie van de vier scheerlijnen nieuwe knoopjes te leggen, die door de storm en het wat scherpe aluminium van de haringen, waren geknapt.

In de loop van de morgen ging de wind liggen en vertrok de regen even spontaan als zij was gekomen. De schade viel mee, er was geen stok gebroken, geen doek gescheurd, alleen het bovenste ophanghaakje van de binnentent had het begeven. Om onze tent heen lijkt de grond droog, maar zo vlug je wat verder loopt, zak je tot minimaal tot de enkels in de bagger weg. En het is toch dezelfde grond, waarover we de dag daarvoor gewoon hebben kunnen lopen.

Naar verderop vertrekken, had geen zin meer, vooropgesteld dat je uit de modder om ons heen weg kon komen. Nee, we zijn gisteren gewoon een dag gebleven en hebben met vier buren (allen herders) kennisgemaakt en die ons vroegen om bij hen te komen slapen. Wij hebben ze keurig kunnen bedanken door te laten zien dat het, voor die paar uur tot morgenochtend, wel een heel gesleep zou worden.

Het is wel heel imposant om te zien hoe droge rivierbeddingen veranderen in woeste stromen, die in hun vaart van alles meesleuren. Achter het dijkje bij onze tent stroomt ook een dergelijk iets, dat even verderop de weg kruist om daarna in de verte te verdwijnen.




Vanochtend hebben wij kans gezien de fietsen door de modder heen te slepen en daarna ze aan de weg weer van die troep te ontdoen. Al met al waren we daardoor laat weg, maar de weergoden waren ons goed gezind. We kregen weer eens een stevig windje in de rug, waardoor wij de schade van onze “vrije” dag van gisteren, redelijk konden beperken.

Bij een hulppost in een klein dorpje hebben we water in kunnen slaan en na zestig kilometer zagen wij bij een nederzetting onze kans schoon om wat brood en nog wat andere dingen te kopen.




En dan op zo’n negentig kilometer zien we in de verte een T-splitsing met daarbij … jawel, een controlepost van de politie. Telkenmale het zelfde tafereel: eerst het verkeerde (oude) visum bekeken, toen het nieuwe, maar dat klopte niet, want we hadden al lang het land uit moeten zijn.

Een donkere zucht van verlichting maakte zich van de goede man los, toen hij bij de bladzijde met de verlenging van het visum was aangekomen. Voordat hij met het inschrijven van onze gegevens begon, liet hij weten verheugd te zijn weer eens wat Engelse woordjes te kunnen wisselen. Vervolgens moest een ander een doos lekkere koekjes halen, waaruit wij er welgeteld twee namen. Meer mocht ook wel, maar zoveel zaten er al niet meer in. Een kwartier later worden we, als eindelijk kunnen vertrek- ken, wel niet uitgezwaaid maar veel scheelde dat niet.

Het begint al te schemeren wanneer wij op een verlaten stukje industrie-gebied komen om daar te overnachten. Wat eten klaar maken hoeft niet meer, want dat hebben wij zojuist bij een hartelijk echtpaar (waarvan de vrouw schuchter toch op de foto ging) van een wegrestaurantje naar binnen gewerkt, een stoofpot lamsvlees met rijst en uiteraard een fles Istak (bier) met limoensmaak. We zullen die drank ongetwijfeld straks gaan missen (misschien wel als kiespijn, maar dat denken we niet).




routelink                              http://goo.gl/maps/VVGgP

standplaats                          Doruneh + 2 km

route kilometers                    95                         totaal                   5575

extra kilometers                      0                         totaal                     543

hoogtemeters                      593                         totaal                 28636



15-03-2014 – het zal een lange en onrustige nacht worden

Van Rafi hadden wij in Mashad al gehoord, dat de komende dagen heftige buien op komst waren. Op het nieuws werd men al gewaarschuwd (Iraniërs zijn kampeerders in hart en nieren), om de tenten niet in een droge rivierbedding op te zetten.

Maar voorlopig hadden wij daar geen last van. Toen wij gisteren vertrok- ken was het nog wel wat nevelig, maar even later brak de zon door en aan de hemel verschenen de eerste “Hollandse” stapelwolken. We zouden proberen om vandaag in Eshqabad aan te komen, want voor komende nacht had men regen voorspeld. En als onze informatie juist was, zou daar een guesthouse zijn.



Gisteren hebben wij in rustig weer ons tentje opgezet, zij het wel dat de lucht eerst ging betrekken, maar dat was later verdwenen.




Vanwege de noorderwind, die in de middag de gewoonte heeft om hard aan te trekken, zijn we vandaag vroeg op pad gegaan. Even na het middaguur zagen wij links van ons een redelijk grote plaats liggen, een plaats die niet op de kaart staat. De wind was inmiddels fors geworden. We wilden zo snel mogelijk Eshqabad bereiken, anders hadden we er wel een kijkje gaan nemen. De lucht liet er inmiddels geen twijfel meer over bestaan, het zou er straks goed hard aan toe gaan.



De plaats met het guesthouse zijn we niet meer tegengekomen. Het weer liet ons geen andere keuze dan te stoppen. Even voordat wij in de storm- wind met moeite het tentje de gebruikelijke vorm probeerden te geven, viel het kwartje. We waren de plaats met al haar geneugten gewoon voorbij gereden. Hoe dat heeft kunnen gebeuren? ….. de kaart, een misrekening, we weten het gewoon niet. Het is gewoon niet anders.

Op dit moment liggen wij in ons tentje en luisteren naar het klapperen van het doek. Het stof ruist voorbij en komt overal tussen, tot in je oren en de slaapzak aan toe. Als je even hebt gegeeuwd voel je het woestijnstof aan je tong plakken en tussen je tanden knarsen. Alles wat je beet pakt, voelt (nog steeds) droog stoffig aan. Opeens horen wij tussen de vlagen door, harde spetters op de tent slaan. Daarna maakt een flinterfijne nevel zich van de binnentent meester en kleurt het stof dat hier en daar wat is opgehoopt, donkerbruin.

Eerst nog even naar buiten, de scheerlijnen aantrekken en daarna maar proberen wat te slapen. Je weet nooit of dat straks nog mogelijk zal zijn.


routelink                              http://goo.gl/maps/e2VTy

standplaats                         Eshqabad + 15 km

route kilometers                  131                         totaal                   5480

extra kilometers                      0                         totaal                     543

hoogtemeters                      642                         totaal                 28043



13-03-2014 – weer de woestijn in – we zijn er klaar voor

Gisteren hebben wij om twaalf uur afscheid van Vali en Rafi genomen. Om ons veel voorspoed te wensen, sprenkelde Rafi volgens een oud gebruik water op de eerste schreden van ons vertrek. Voor ons betekende het ook, dat wij niet meer op de bovendorpel van het kozijn hoefden te letten.




Bij het ontbijt hebben wij nog gehad over de twee Nederlanders, Rintje en Josua, die de dag daarvoor ook nog bij hen waren. Ze hadden samen met Vali een trekking door de bergen gemaakt. Doordat zij door omstandig- heden een paar uur later waren weggegaan, kwamen ze later in de problemen. De duisternis viel in en door de sneeuw konden zij het pad niet meer terugvinden. Er zat niet anders op dan in een open berghut te overnachten, een ervaring die zij niet snel zullen vergeten. Vali ook niet, want de volgende keer ging hij met toch wat meer uitrusting op pad (minimaal GPS enzovoort). Een fotootje van het opgeluchte tweetal na het avondeten, dat weer op voortreffelijke wijze was verzorgd door de vrouw van Vali. De andere jongeman is Brad, een energiek iemand uit Singapore.



Gisteren zijn wij in het donker teruggekeerd in Tabas, waar onze gegevens (zoals gebruikelijk en inmiddels tot heel vervelens toe) door de politie in een schrift werden opgenomen. Tegen de tijd dat wij uit de stationshal kwamen, was de laatste taxi natuurlijk al weg. Het enige dat nog kwam was een buitje regen op weg naar ons hotel.

Vandaag hebben we ons met de voorbereidingen voor het vervolg van onze tocht door de woestijn naar de grens bezig gehouden. Ook de website kon weer een beetje (bij beetje) opgepoetst worden. We vragen ons af wanneer wij weer helemaal bij zullen zijn, nu wij vanaf morgen voorlopig geen internet meer tegen zullen komen.

Morgen om half negen, na een zelf klaargemaakt ontbijtje (we hebben een keukenblokje op de kamer) is het weer zover. We zijn best wel nieuws- gierig, zeker nu het wat standvastige weer het al een paar dagen af laat weten.


routelink                               http://goo.gl/maps/h3DMw

standplaats                          Tabas

route kilometers                      0                         totaal                   5349

extra kilometers                      5                         totaal                     543

hoogtemeters                          0                        totaal                  27401



11-03-2014 – u kunt over acht dagen uw paspoort afhalen

Gisteren was de wereld weer eens heel klein. Toen we naar het Turk- meense consulaat liepen, zagen we daar al twee fietsers staan. Het waren Spanjaarden uit Barcelona, die de Portugezen die wij vanuit Yazd kennen, ook al tegengekomen zijn. Even later verscheen een Franse fietser op het toneel, ene Julien, die evenals de andere twee na het visum van Turk- menistan, hier in Mashhad ook nog een visum voor Afghanistan proberen te krijgen. Het noordwesten van dat land schijnt heel rustig te zijn met heel interessante mensen.



Afghanistan is nooit bij ons opgekomen. We houden het wel in ons achter- hoofd. Het is te vergelijken met het noordoosten van Irak (ook nooit aan gedacht), door welk gebied de hiervoor genoemde Portugezen gingen reizen om de ijzige kou en zeer steile bergen in Turkije te vermijden.

Ondanks dat op het bordje bij het kleine muurluikje van het consulaat stond, dat op de maandag en de donderdag de “truckers” voorrang hebben. Ging het met de afhandeling redelijk snel. Rafi vervulde de honneurs als tussenpersoon voor de vijf fietsers voortreffelijk. Een minpuntje was wel, dat je hetzelfde formulier als in Teheran moest invullen. Na het “afgeven” van honderdtien dollar kreeg iedereen de melding, dat (het paspoort met) het visum drie uur later afgehaald kon worden.

Aan de ene kant jammer dat wij hierdoor niet rechtstreeks naar de prefectuur konden, maar aan de andere kant konden wij nu, na het afhalen van ons paspoort, naar de “holy shrine” in Mashhad, dat jaarlijks miljoenen pelgrims trekt.




Vandaag stond echter een grotere kluif op ons te wachten: de Iraanse prefectuur. Met Rafi voorop wurmden wij ons door de menigte heen, die daar ook wat te zoeken had. Allereerst naar de “deputy officer”, want die besliste of en hoelang je een verlenging kreeg. Hij ging ermee akkoord, gaf ons ieder drie formulieren mee, die wij tweetalig moesten invullen (Rafi zorgde voor het Farsi), die wij samen met handgeschreven verzoek tot verlenging, een tweetal pasfoto’s en een stortingsbewijs van de bank voor driehonderdduizend real ieder, bij een ander loket moesten indienen.

Het reçuutje daarvoor kregen wij bij weer een ander loket, met daarop geschreven dat wij ons paspoort met verlenging over acht dagen konden afhalen. Maar dat was alleen mogelijk als wij hier in Mashhad zouden blijven, niet als we vanuit Tabas verder zouden fietsen. Rafi wist de “deputy” hiervan te overtuigen. De man keek ons even aan en mompelde in het Farsi “goed, vanmiddag om twee uur!” en ging onverstoorbaar door met zijn werk.

Toen wij even later na dat tijdstip naar buiten liepen, een diepe zucht achterlatend, werden wij aangesproken door een Philippijnse vrouw met haar man, die in Mashhad familie bezocht. Door hen werden wij keurig voor het guesthouse afgezet, waar ons nog een verrassing wachtte, het uploaden van foto’s naar de site was weer mogelijk.

De mededeling, dat wij eerst morgen een trein naar Tabas terug konden nemen, woog daar niet tegenop.


routelink                               http://goo.gl/maps/cpk6O

standplaats                          Mashhad

route kilometers                      0                        totaal                   5349

extra kilometers                      0                        totaal                     538

hoogtemeters                          0                        totaal                 27401



09-03-2014 – op Wereldvrouwendag is de ambassade dicht

Gisterochtend zijn wij met de trein hier in Mashhad aangekomen en een slaapplekje gevonden in Vali’s Homestay, waar naast Vali ook Rafi (een tourguide) kind aan huis is. De locatie was wat moeilijk te vinden omdat wij de voordeur op een wat andere hoogte zochten, dan waar deze zich, door de vele straatophogingen, daadwerkelijk bevond.




Onze eerste loopje was naar de ambassade van Turkmenistan, waar een A4’tje ons tot onze grote verbazing informeerde, dat deze gesloten was vanwege Wereldvrouwendag. Vandaag is het zondag, dus onze eerste mogelijkheid is dus morgen. Gewoon om te kijken of het kleine luikje aan de buitenkant van het gebouw, voor ons open zal gaan.

Rafi had ons gisteren al een beetje warm gemaakt om met z’n drieën een dorpje in de omgeving te bezoeken. Niet een dorpje zoals wij die al kennen, maar eentje die tegen de helling van de kloof is gebouwd, niet in de schaduw maar in het daglicht. Het pleit was snel beslecht.

Vandaag zijn wij dus met Rafi daarnaar toe geweest. De bodem van de kloof heeft slechts plaats voor een smalle, maar hoge rivierbedding. Als het heeft geregend kan het daar spoken. Op verschillende plaatsen staan sirenes voor een hoog water alert. Bij dat alles heeft ook nog een smalle weg ruimte gevonden om het einde van de kloof te bereiken, daar waar het dorpje begint en een pad leidt naar de andere helling van de kloof.




We zijn daar heel gastvrij met thee ontvangen door een wat ouder echt- paar (twee elders levende zonen in de meubelindustrie). Men houdt een aantal schapen en leeft verder van de opbrengst van boomvruchten. Het nieuwe jaar ziet men twijfelachtig tegemoet. Veel sneeuw heeft er niet gelegen en men betwijfelt of dat voldoende zal zijn om de vruchten rijp  te laten worden.



De buurman is ook weer eens in het dorp. Hij heeft kort geleden zijn vrouw verloren en bivakkeert wat vaker bij zijn dochter. Okkernoten samen met gedroogde witte moerbei eten is een heerlijkheid, zo weet hij uit te duiden. Even later zaten wij dus in zijn huis, om een grote met kleden bedekte stoof, te smullen van hetgeen hij zo lekker vond.




Hij wist nog wel even te vertellen, dat dit jaar niemand (als gevolg van nachtvorst) veel okkernoten had. Tenminste niet om uit te delen, want dat is het gebruik hier. Hij had er altijd heel veel weggegeven. Wellicht zou het daarom zijn (zo dacht hij), dat hij nu genoeg noten had om uit te delen en toch nog genoeg voor zichzelf had. Wie goed doet, goed ontmoet.



Het dorpje lijkt vanaf deze kant van de kloof aan de helling te zijn vast- geplakt. Kleine steegjes komen uit op pleintjes en de straatjes, met een geul in het midden, zorgen ervoor dat het smelt- en regenwater in goede banen worden geleid. Het is een kleine gemeenschap van zo’n kleine vijf- honderd man, welk aantal in het plukseizoen tot het dubbele kan oplopen.





Morgen gaan we eerst naar de Turkmeense Ambassade. We opteren voor een “vijf daags” transit-visum. Er zijn gevallen bekend van mensen, die slechts een visum voor drie dagen kregen. Voor ons is dat ondoenlijk, want de afstand die wij moeten overbruggen om in Uzbekistan te komen is ongeveer vierhonderdvijftig kilometer. Een “normaal” visum is ook wel verkrijgbaar, maar dan krijg je een gids mee, die honderd dollar per dag kost.

Als we het transit-visum hebben, kunnen wij naar de prefectuur van de politie om een verlenging van het Iraanse visum aan te vragen. Mashhad staat bekend als een moeilijke stad, wat verlenging van visa betreft (geheel anders dan toeristensteden als Yazd, Esfahan en Shiraz, waar je zo maar een maand verlenging kan krijgen. Hier zullen wij moeten soebatten om achttien dagen. Rafi heeft al aangeboden om met ons mee te gaan, want nagenoeg niemand spreekt daar een woordje Engels.


routelink                               http://goo.gl/maps/cpk6O

standplaats                          Mashhad

route kilometers                      0                         totaal                  5349

extra kilometers                      0                         totaal                    538

hoogtemeters                          0                        totaal                 27401



07-03-2014 – fietsend onze paspoorten achterna

We waren er gisterochtend vroeg bij om te proberen Tabas te halen. Evenals de dagen daarvoor, was gisteren de weg te smal om auto’s en vrachtwagens elkaar te laten passeren als wij ook daarnaast rijden. Eerst moesten we wel wennen aan het soms wat scherpe remmen achter ons, maar nu weten wij al niet meer beter. En alles is beter dan de rakelings langs je heen scheurende vrachtwagens en vergeet zeker de bussen niet.

De zon liet zich eerst nog niet goed zien, wat de omgeving een grauwe gloed gaf. Ook de dorpjes die wij zo nu en dan passeerden, hadden eenzelfde uitstraling.




Maar toen stak de wind op, pal in ons gezicht. De wolken veranderden in nevelsluiers en het werd warm. Op dat moment zagen we in de verte wat bedrijvigheid met stofwolken. Wegwerkzaamheden misschien? …. ja hoor, het werd stofhappen.




Precies aan het einde daarvan stonden ze. Niet halverwege, want dan hadden ze ook moeten stofhappen. Het waren twee agenten met een auto, die vreemd genoeg uitsluitend oog voor ons hadden. We staken nog een hand op om ze te groeten, maar kregen daarop geen ander respons dan een flauwe handbeweging om “even” langszij te komen staan.

Met de paspoorten hadden ze duidelijk wat moeite. Met het goede visum ook want hun blik bleef gefixeerd op het oude. We deden nog een verwoede poging om een paar bladzijden in het paspoort om te slaan, maar dat werd ons niet in dank afgenomen. We moesten maar alvast een stukje verder fietsen. Ze zouden ons wel achterop komen. We deden nog enkele aanstalten om ze op andere gedachten te brengen, maar lieten die snel weer varen toen wij de uitdrukking in de ogen van de kleinste en de donkerste van de twee zagen. De andere was inmiddels druk met bellen.

Ze haalden ons even later in en een paar kilometer verder stonden ze in de berm te wachten. Het telefoongesprek was nog steeds niet afgelopen, dus doorfietsen maar. Met dat laatste hadden we geen moeite, want we moesten vandaag nog een aardig eindje. Het hele tafereel heeft zo’n drie kwartier geduurd. Uiteindelijk hebben wij onze paspoorten teruggekregen, ditmaal opengeslagen met het goede visum naar boven. Jammer dat ze niet eventjes geluisterd hadden, want dat had hen, maar ook ons aardig wat tijd gescheeld.

Even verderop, als een echtpaar met kinderen een babbeltje met ons komt maken, zijn we dit voorval alweer snel vergeten.



Tabas lijkt op een Finex-locatie, allemaal hetzelfde soort huizen en van eenzelfde leeftijd. Dit is allemaal goed te verklaren. Deze stad, een groene oase, werd ooit de parel van de woestijn genoemd. Niet alleen de citadel (zoals in Bam en Rayen), maar de gehele stad was een plaatje. Totdat een aardbeving in 1978 de stad compleet in puin legde. Op de puinhopen daarvan is een nieuwe stad gebouwd, zonder zich te bekommeren om de oude resten.

Men heeft hier wel een mooie moskee gebouwd, die inmiddels een groot trekpleister is geworden. We hebben die zojuist bezichtigd.






Het hotel waarin we een slaapplekje hebben gevonden, zal voor kaartjes voor de nachttrein naar Mashhad zorgen. In deze plaats moeten wij het visum voor Iran verlengen en kijken of we het transit-visum voor Turk- menistan al kunnen bemachtigen (sinds ons verzoek daartoe in Teheran, hebben wij nog niets van hen gehoord). We zullen het allemaal morgen wel zien.


routelink                               http://goo.gl/maps/P08RI

standplaats                          Tabas

route kilometers                    84                         totaal                   5349

extra kilometers                      0                         totaal                     538

hoogtemeters                      282                         totaal                 27401



05-03-2014 – vrachtwagens halen niet in - de weg is te smal

Gistermorgen zijn wij op weg naar Deyhuk gegaan. Vijftien kilometer verderop zullen wij eerste het nodige inslaan. Dat zal in Nayband zijn, de plaats die al een paar dagen met de afstand daarnaar toe, op de plaatsnaamborden staat.

We vertrokken redelijk vroeg omdat boodschappen doen, drinkwater kopen enzovoort, altijd meer tijd in beslag neemt dan je op voorhand denkt nodig te hebben. Zeker als je de mogelijkheid hebt daarbij een mok koffie te scoren.

We hadden redelijk het ritme erin, toen we na tien kilometer een bezine- pomp met een paar stoffige winkeltjes en restaurantjes tegenkwamen. De twijfel begint: “Stoppen? We zijn net onderweg! Ik zie daar brood, dus toch maar stoppen? Nayband ligt maar op vijf kilometer!” En dan is plots de vaart eruit. We stoppen dan ook maar, kopen wat we willen hebben, maken nog een praatje met wat vrachtwagenchauffeurs. We hebben helaas geen verse koffie gevonden en geen fruit meegenomen want dat zag er niet uit. Of een chauffeur heeft gezien dat wij bij het fruit twijfelden, weten we niet. Hij bood ons in elk geval twee overheerlijk uitziende sinaasappelen aan, die wij dolblij in ontvangst namen.



Toen we even later weer verder fietsten, kwamen wij voor een grote verrassing te staan. Nayband bestaat gewoon niet, het is geen plaats, het slechts een naam met een stip op de kaart, voor de rest niets. Misschien is het vroeger een provinciegrens-kantoortje geweest, we weten het niet. Er stond wel een lemen gebouwtje en een bord dat aangaf dat de eerstvolg- ende benzinepomp (dus ook eten) aardig wat kilometers verderop te vinden was (om de moed erin te houden, denken we).



Dit gebeuren deed ons denken aan een plaats, die in Noordwest India op de kaart stond en waar we na een lange rit dachten te kunnen overnachten. Het bleek helaas alleen een brug over een rivier met eenzelfde naam te zijn.

Vandaag was het in elk geval weer een goede leer voor ons: wacht nooit met inslaan, koop je spullen op het moment dat je ze ziet.

Deze twee dagen hebben wij redelijk moeten klimmen om van de ene vlakte op de andere te komen. De sneeuw op de bergen laat ons zien dat het nog steeds geen voorjaar is. Maar ondanks dat het daarboven goed koud was, hebben we van de omgeving heerlijk genoten.




Toen we naar de vlakte waren afgedaald, viel het ons weer eens op hoe droog hier de atmosfeer is. Er is vaak zelfs geen plukje laaghangende nevel te bekennen, waardoor je zo maar meer dan tien kilometer verder kunt kijken. Heel grappig, de passerende vrachtwagens worden verderop Dinky Toys om daarna als piepkleine Matchbox’jes geluidloos achter de verre horizon te verdwijnen.



Nu zitten we voor het tentje, hebben net gegeten en genieten nog wat van de warmte van de zon, die het zometeen voor gezien zal houden.




routelink                              http://goo.gl/maps/0gRLR

standplaats                          Deyhuk-/- 2 km

route kilometers                    150                       totaal                   5265

extra kilometers                       0                        totaal                     538

hoogtemeters                      1255                       totaal                 27119



03-03-2014 – precies op tijd door het leger gewekt

Het was even voor zes uur in de morgen, de zon kwam net boven de hori- zon. Ons tentje stond zo’n zeshonderd meter van de weg af en was bij daglicht voor een oplettend iemand wel te zien, maar een ander plekje was er gisteren in de vlakte niet, tenminste geen plaatsje waar je door het zand en grind heen, goed bij kon komen.

Plotseling hoorden wij een auto aankomen, de motor nog niet eens, maar wel de banden die zich moeiteloos een weg door de losse bodem baanden. Wij schoten onze kleren aan, het was toch tijd om op te staan. We zagen in de verte een jeep aankomen. Het bleek het leger te zijn, dat even polshoogte kwam nemen. Aan hun gezicht viel af te lezen, dat het niet vaak voorkomt dat fietsers hier wild kamperen. Op het moment, dat wij op hen toeliepen en de hand schudden, was het ijs gebroken en kwam even later zelfs een glimlach naar boven.

Toen zij in de gaten hadden, dat wij onderweg naar Tabas zijn en dat wij binnen een uurtje opgekrast zouden zijn, stapten zij op en mochten wij nog een fotootje maken, maar wel pas toen het wapentuig uit het zicht was en men zich wat verspreid had opgesteld (je kunt immers nooit weten).



Om daar te komen hadden wij wel moeite moeten doen. De weg was erg druk, smal zonder vluchtstrook(-je), maar vooral slecht, heel slecht. Het deed ons af en toe terugverlangen naar Hongarije, waar wij tot op hier, het slechtste wegdek hebben meegemaakt.

Voor vandaag bleek helaas eenzelfde weg op het programma te staan, die omstreeks het middaguur, nadat wij van een chauffeur van een bestel- wagen een foto hadden genomen, gelukkig een stuk verbeterde. Daarna kwam de oneindigheid van de woestijn weer naar voren, met hier een daar een kleine oase en af en toe een paar grazende kamelen.

Morgen wordt het hoog tijd om eten in te slaan. Water is geen probleem geweest, want om de ongeveer dertig kilometer stond langs de weg een tot een moskee omgedoopt gebouwtje, met daarbij een overdekte water- put, waar inmiddels een kraan met stromend water was aangelegd.

Nayband, een plaats die met regelmaat langs de weg met de afstand werd aangeduid, ligt op ongeveer vijftien kilometer bij onze slaapplek vandaan. Wij genieten nu al van het verse brood en fruit.

Van onze taxirit in Kerman hebben wij alleen nog niet de foto’s van de Kalut-e laten zien, een soort canyon-achtig gebied in het klein, maar met het licht aan het eind van de middag wel heel mooi.






routelink                              http://goo.gl/maps/aBV2I

standplaats                          Nayband -/- 15 km

route kilometers                   147                        totaal                   5115

extra kilometers                       0                        totaal                     538

hoogtemeters                       596                        totaal                 25864



01-03-2014 – Moeder Medea (van de dode bloemen)

Men vraagt weleens aan ons: “Moeten jullie nooit eens afzien?” Natuurlijk wel, het maakt de uitdaging groter. De ellende ben je heel snel weer vergeten, zeker wanneer je na wat fors klimwerk, forse wind pal in je gezicht, met een dergelijk tafereel wordt geconfronteerd.



Het is ons gezegd. De woestijn wordt inderdaad, naarmate wij noordelijker komen, alleen maar mooier. De pastelkleuren, die wij ook op de Turkse vlaktes zagen, dienen zich weer aan. Het gebeurt niet vaak, maar ditmaal worden we er stil van, verdraaien af en toe zelfs onze nek en krijgen soms het gevoel dat ons hoofd door alle indrukken op klappen staat.






Vanmiddag hebben we een slaapplekje gevonden achter een oude steen- fabriek, even voorbij Ravar, een plaatsje waar we water en proviand heb- ben ingeslagen. Zoals elders in het land, hangen ook daar afbeeldingen van de plaatselijke martelaren (soldaten die voor het “goede doel” gesneu- veld zijn). De oorlog met Irak is verschrikkelijk geweest. Alleen hangen er hier meer dan gewoonlijk en is er zelfs een monument voor hen opgericht.




De afbeelding van de vrouw doet ons meteen denken aan “Moeder Medea” (gezongen door Cobi Schreijer en geschreven door Lennaert Nijgh), een vrouw die je af en toe in het veld op de lange nacht ziet wachten.

www.youtube.com/watch?v=8RwnrjgNWkQ



Zoals we al verteld hebben, zijn we vier dagen geleden in Mahan geweest. De afbeeldingen zouden wij nog even laten zien, dus bij deze. Allereerst de tombe van Shah Ne’matollah Vali die in 1431 stierf, werd gebouwd door een Indiase koning, voor wie deze sjah een spirituele meester was, die hem wijze lessen leerde.






En dan nu de tuin die in 1873 werd aangelegd door Abdul Mahir Mirza, een van de laatste prinsen van de Qajar dynastie.


 




Morgen staat er een wat langere rit op het programma, als wij in acht dagen vanaf Kerman in Tabas willen aankomen. Het zou te doen moeten zijn als de wind en de conditie van de weg meezitten en de zon maar schijnt, want anders zal het goed koud zijn. Maar vriezen doet het in elk geval (ook ’s-nachts) niet.


routelink                             http://goo.gl/maps/S9imj

standplaats                         Ravar + 10 km

route kilometers                  100                         totaal                   4968

extra kilometers                      0                         totaal                     538

hoogtemeters                      817                         totaal                 25268



27-02-2014 – vandaag de woestijn in – zal het koud worden?

Na wat lekker uitslapen (na een verschrikkelijke nachtmerrie van Guus),



maar die wel een goed einde had,

 


stond de dag van gisteren in het teken van onze voorbereidingen voor onze trip door de woestijn  naar Tabas, een kleine zeshonderd kilometer verderop. Tien liter water, een fles Fanta, vier broden, volop benzine voor de brander, gedroogd fruit enzovoort, van alles stond vanochtend vroeg klaar op opgeladen te worden.

Na een voedzaam ontbijt en een hartelijk afscheid zijn wij noordwaarts vertrokken richting de ongerepte woestijn, maar zo ongerept is die niet erg meer. Overal is er wel puin gedumpt, grond weggehaald omdat men het nodig, afval achtergelaten en dan weer als vuilnisbelt gebruikt. Alles wat je bij een tegenlichtopname ziet opblinken, is weggegooid glas of plastic.

En toch straalt die woestijn een schoonheid uit, een schoonheid die naar- mate wij noordelijker komen, alleen maar intenser wordt, tenminste zo heeft men ons beloofd. De nachten zullen best wel koud zijn, maar hoe? Morgenochtend weten we meer.




Zojuist om drie uur hebben we in een drooggevallen rivierbedding een kampeerplekje gevonden. We denken nog even terug aan Rayen, de cita- del die de grootte van die van Bam nooit kon evenaren, maar wel goed laat zien hoe en vooral hoeveel mensen daarbinnen konden leven.






routelink                             http://goo.gl/maps/z51i7

standplaats                         Chatroud + 10 km

route kilometers                     51                        totaal                   4868

extra kilometers                      0                         totaal                     538

hoogtemeters                       438                        totaal                 24451



25-02-2014 – de dagen in Kerman overschreiden ons budget

Gistermorgen om een uur of negen zijn wij hier in Kerman aangekomen. De treinreis is prettig verlopen en omdat de trein geen bagagewagon had, stonden de fietsen rustig in het gangpad en voor onze tassen had men een leeg compartiment geopend.  

In de treinen in Iran vind je nagenoeg geen enkel westers schrift alsof er geen buitenlanders zijn, behalve als het gaat om aan diezelfde buitenlanders te tonen, dat men in Iran weldegelijk treinwagons maken kan.



Telkens verbazen wij ons over een doosje met inhoud, dat je in de trein of op een langeafstand bus krijgt. Er zit een pakje met drinken in (melk of vruchtensap), wat om te snoepen (een zoetige cake, een wafeltje, een paar pindaatjes of wat dan ook) en zelfs een servetje om je plakkerige mond mee af te vegen. Nee, een lege maag zal je in de trein of bus nooit hebben.


Langs het hoofdkantoor van de plaatselijke PTT dat, heel origineel gevon- den, de vorm heeft van een “pigeon tower”,



kom je bij het hotel waarin we  nu onze intrek hebben genomen. Het is gebouwd in het begin van de jaren vijftig en wordt gerund door twee aimabele broers, die toevallig ook omstreeks datzelfde tijdstip geboren zijn. Beide broers wisten ons gisteren heel duidelijk te maken wat een toerist hier niet mag missen en vijf minuten later waren we verzekerd van een taxi die ons vandaag langs al dat moois zou brengen.

Gisteren hebben we eerst nog de stad wat verkend, maar veel verder dan bij de bazaar zijn wij niet gekomen, omdat het weer plotseling omsloeg en de eerste regendruppels naar beneden kwamen.





Vanochtend stond zoals afgesproken, om acht uur de taxichauffeur op de stoep. Aanvankelijk vonden wij het jammer dat hij geen Engels sprak, maar na verloop van tijd vonden wij het eigenlijk best wel lekker rustig. De plekken die wij hebben bezocht, waren:



Rayen (de tegenhanger van het door de aardbeving verwoeste Bam),




Mahan (de voormalige prinselijke tuinen en de door een Indiase prins voor een shah gebouwde tombe) en



de Kalut-e (een soort canyon-achtig gebied in het klein).

Het is teveel om vandaag alles te laten zien. We zullen de komende dagen, wanneer wij in de woestijn zitten, als afwisseling de andere foto’s laten zien.

Ons verblijf in Kerman is wel wat duurder dan we hadden gebudgetteerd, maar we hebben daar vrede mee. Straks in de woestijn gaan we, wat uitgaven betreft, toch op dieet.


routelink                              http://goo.gl/maps/ReQ2K

standplaats                          Kerman

route kilometers                       7                        totaal                   4817

extra kilometers                       0                        totaal                     538

hoogtemeters                           0                       totaal                  24013



23-02-2014 – treinkaartjes gekocht met “the English teacher”

Terwijl gisteren in de schaduw de laatste sneeuw langzaam aan het weg- smelten was, zijn wij vanuit Yazd vertrokken op weg naar het kleine dorpje Fahraj, dat een jaar of acht geleden gedeeltelijk werd gerestaureerd, in de hoop wat toeristen van Yazd af te snoepen. Ondanks dat ze de oudste moskee van Iran hebben (vanuit de eerste eeuw van hun jaartelling), zijn ze daar niet in geslaagd. De bazaar, het badhuis, de moskee, noem maar op, allemaal hebben ze een grote beurt gekregen, maar staan nu onbeheerd leeg.





In datzelfde dorpje hebben wij geslapen in een traditioneel huis, waar wij de enige gasten waren. De uitbater zelf woont in Yazd en die deed om acht uur in de avond keurig aan de buitenkant de deur op slot, welk slot door een jongedame, die voor het ontbijt zou zorgen, vanochtend weer geopend zou worden. Er was alleen een belletje vanuit ons heerlijke bed nodig om dat inderdaad te laten gebeuren.



Vanaf Bafq loopt volgens de kaart een witgekleurde weg mooi langs het spoor naar Kerman. De gebruikelijke (doorgaande) weg gaat echter met een omweg door de bergen heen en heeft het volgende profiel.



Tot op gisteravond heeft niemand ons kunnen vertellen of wij die wit- gekleurde weg wel of niet konden gebruiken, dus gewoon maar doen, dachten wij. De uitbater heeft ons echter uit de droom geholpen. De weg blijkt door een gebied te gaan, waar de overheid nog niet alles goed onder controle heeft en waar de opium welig tiert. Herhaaldelijk zijn daar mensen gekidnapt. Allen zijn na bepaalde tijd wel weer vrijgelaten, maar niet eerder nadat een kompaan uit het gevang was vrijgelaten of een andere concessie was gedaan.

Wijzelf zijn nergens bang voor, maar we vinden wel, dat je het ook niet op moet zoeken. De weg door de bergen heen, gaat ongetwijfeld meer tijd kosten, maar die tijd hebben we niet. Aanvankelijk zouden we Kerman helemaal links hebben laten liggen, maar dat konden wij toch niet over ons hart verkrijgen. En zo kwam het, dat wij aan het eind van de middag hier in Bafq op het station stonden om een treinkaartjes naar Kerman te kopen. Maar zo eenvoudig was dat niet. Kaartjes voor deze trein (en nagenoeg alle andere) zijn alleen via een reisagentschap of op internet te verkrijgen.

Het reisagentschap werd snel gevonden, met behulp van iemand van het station, die ons in zijn auto voorreed. Binnen het agentschap lag het tempo een heel stuks lager. Twee schaapachtig kijkende jongedames, uiteraard in stemmig zwart gekleed, konden ons nog wel duidelijk maken dat de trein die we wilden hebben, helemaal niet ging. Daarna moesten we gaan zitten en even wachten, daarna nog even wachten en nog eens even wachten. Of de goede man buiten daarop heeft staan wachten, weten we niet. Op het moment dat voor ons de kous af was en we wat levendigheid in de brouwerij wilden brengen, stapte hij glimlachend naar binnen. “The English teacher”, zo stelde hij zich voor. In nog geen kwartier tijd was alles geregeld en zaten de kaartjes voor de trein van 03.08 uur keurig opgeborgen in onze zak. Onder het mom van “voor wat, hoort wat” nodigde de teacher ons uit om in zijn instituut thee te drinken. We hebben met moeite daarvoor kunnen bedanken. We zagen het al voor ons, na de thee sta je opeens met hem voor de klas.

Om zo’n acht uur ’s-avonds waren we in de stationshal, een mooie gelegenheid voor Guus om zich wat uit te rekken en op een paar stoelen heerlijk slapend onderuit te gaan. Even daarna kwam de teacher toch nog even polshoogte nemen of alles goed was gegaan. Zijn leerlingen hadden het jammer gevonden, dat hij ons niet had weten te strikken (heel goed aangevoeld dus). Onder achterlating van zijn telefoonnummer (voor het geval dat …), vertrok hij weer, maar daarna was de rust niet weergekeerd.

Met Guus slapend op de bank zagen een paar jongedames de kans schoon om met Maria aan de praat te gaan. “Seen you on television …”  “Please come sleep at my home …” enzovoort, waarna de dame van het infor- matieloket haar kans schoon zag Maria een telefoon in haar hand te drukken “It’s mij niece, she wants to talk to you”. En voor je het weet is het tijd om Guus wakker te schudden. De trein komt eraan.


routelink                              http://goo.gl/maps/iDwBE

standplaats                         Bafq

route kilometers                  130                         totaal                   4810

extra kilometers                     0                          totaal                     538

hoogtemeters                      305                         totaal                 24013



21-02-2014 – als je elk aanbod accepteert fiets je niet meer

Gistermiddag zijn we in Meybod aangekomen, na een rit met vals plat naar beneden, die de tegenwind redelijk compenseerde. We verheugen ons toen al op de rit van vandaag met een stevig briesje in de rug en met de verwachting dat de zon vandaag ook niet verstek zou laten gaan.

Het weerzien in Meybod was hartverwarmend. Vanochtend bij ons vertrek lag er nog een briefje klaar, waarvan wij de inhoud in een later stadium wel zullen vertellen. Vergeten zullen wij dat absoluut niet.

Nu eerst enkele indrukken uit de oude, inmiddels grotendeels vervallen stad, waardoor wij gistermiddag heerlijk hebben lopen struinen:





Vandaag is het inderdaad een stralende dag geworden die je echt doet vergeten, dat het hier nog steeds winter is. Mede daardoor deert het ons niet dat we nu toch weer tegenwind hebben.





In Iran hebben wij op de fiets onderweg veel contact en met regelmaat wordt ons wat toegestopt: twee broden, waarvan we er een hebben kunnen weigeren; thee, sinaasappels en granaatappels, het maakt niet uit. Onlangs hadden wij bij een kruideniertje twee flesjes drinken gekocht, die bij het afrekenen wel wat aan de dure kant waren. Toen wij de lege flesjes terug kwamen brengen, konden wij de thee niet meer afslaan en kregen wij een plastic zakje mee, met daarin een doos heerlijke Iraanse snoep- koekjes, een paar zakjes Nescafé en een zakje suikerklontjes.

Herhaaldelijk wordt aan ons gevraagd of we mee naar huis komen om thee te drinken, in hun dorp te  komen fotograferen, te komen eten enzovoort. Soms hebben de grootste moeite om het aanbod af te slaan. Maar we kunnen helaas niet anders, want als we overal op ingaan, fietsen wij geen kilometer meer.


routelink                              http://goo.gl/maps/dfrZU

standplaats                          Yazd

route kilometers                     0                        totaal                    4680

extra kilometers                   109                      totaal                      538

hoogtemeters                      199                       totaal                  23708



19-02-2014 – met iets smetvrees ben je hier al absoluut verloren

Zoals we al vertelden, onze fietsen stonden er (natuurlijk) nog, precies zoals we ze hadden neergezet in de hal bij de achterdeur van het pand. We vonden ze alleen terug onder een redelijk laagje stof. Het is niet dat men hier niet geheel proper is, integendeel, het vaatwerk glimt en al het andere glanst als de zon zich laat zien. En toch zie je op elk richeltje, plateautje of lampenkap een laagje stof liggen, hetzelfde stof dat de plavuizen vloer hier een pastelachtige gloed geeft. Maar het is geen gewoon stof.

Als je het tussen duimvinger en wijsvinger klemt, dan voel je dat het een korrelstructuur heeft. Het is zand, woestijnzand dat elke dag als er wat wind staat, de stad wordt ingeblazen. Je houdt het niet tegen, je vindt het overal in huis terug. Op straat blijft het hier en daar redelijk dik liggen en zorgt voor een glibberige bagger als het maar even goed regent of sneeuwt. Men is eraan gewend, het is de keerzijde van de medaille als je in een woestijnstad woont. En dat is feitelijk op elke plaats in de hele grote woestijn die Iran heet, van toepassing.

Het woestijnzand is heel eigenzinnig, trekt zich nergens wat van aan en gaat languit liggen waar het wil. Iedereen verfoeit het, maar het is wel te waarderen dat dit alles zonder aanziens des persoons gebeurt.



De fietsen hebben inmiddels hun grote beurt gehad en op onze kamer is de grote inpaktruc ook afgerond. We zijn er weer klaar voor.




Morgen en overmorgen gaan we nog even op en neer Meybod om daar even gedag te zeggen. De dag daarna vertrekken wij naar zuidoostelijke richting en hopen een paar dagen later in Kerman aan te komen.

De stad Bam stond ook op ons verlanglijstje, maar we hebben dat maar laten vallen, enerzijds vanwege het beperkt aantal dagen dat wij in Iran kunnen blijven en anderzijds omdat van Bam nog grote stukken plat liggen als gevolg van de aardbeving in 2005, die toen heel Bam met de grond gelijk maakte.





routelink                             http://goo.gl/maps/dfrZU

standplaats                         Yazd

route kilometers                       0                        totaal                   4680

extra kilometers                     12                        totaal                     429

hoogtemeters                          0                        totaal                  23509



17-02-2014 - op zoek naar sporen van het Zoroastrisme

Vandaag hebben we groot onderhoud aan de fietsen gepleegd, met de vanuit Nederland meegebrachte onderdelen en achterbanden, de versleten exemplaren vervangen. We zijn er nog niet klaar mee, zodat we nu al weten waar we morgen aan toe zijn.

Met veel plezier denken wij terug aan gisteren, toen wij op zoek gingen naar sporen van het Zoroastrisme, vroeger de (staats-) godsdienst van de Meden en Perzen, maar die tevens de basis vormde voor het Christendom en de Islam. Toen wij in Esfahan waren, hebben we het er al over gehad. Een interessant blog daarover staat in het Columbus Magazine onder:

http://www.columbusmagazine.nl/azie_en_midden-oosten/iran/yazd/reisreporter/blogs/4544.html

Ons eerste doel was de de vuurtempel, gewijd aan de enige god die het Zoroiastrisme kent en die heerst over het goed en kwaad (komt ons heel bekend voor). Van het bezoek hebben win maar even kunnen genieten. We waren er om half twaalf en dertig minuten later ging het hek alweer dicht. Misschien dat wij de komende dagen nog even daarvoor tijd kunnen vrij- maken. We hebben wel alvast een kiekje als herinnering gemaakt.



Daarna op naar de "towers of silence", vroeger ver buiten de stad gelegen, nu aan de rand daarvan. Het zijn twee grote torens, waar de uitvaart- ceremoniën plaastvonden en de doden daarna voor de gieren werden achtergelaten. Ze hebben tot het jaar 1960 dienst gedaan, waarna de doden, ongetwijfeld op last van hogerhand, werden begraven.







Op het terrein ligt de recente begraafplaats van Zoroastristen, waarvan de beheerder het niet schuwt om even met Maria op de foto te gaan.




Nu de eerste kilometers zijn gemaakt, zullen wij ook weer het overzichtje met de stand van zaken gaan bijhouden. Hieronder het eerste, dat doortelt op basis van onze laatste rit in januari dit jaar.


routelink                             http://goo.gl/maps/dfrZU

standplaats                         Yazd

route kilometers                      0                         totaal                   4680

extra kilometers                    30                          totaal                    417

hoogtemeters                         0                          totaal                 23509



15-02-2014 – Golestan Palace – werelderfgoed – waarom?

Het Golestan Palace waar de shah’s behoudens de laatste, hun dagen sleten is niet oud en niet erg groot volgens oosterse begrippen. Op een uitzondering na is de buitenkant gewoontjes mooi, maar zo vlug je ergens een voet over de drempel zet, wordt je verrast door de pracht en praal waarin men met de hofhouding en vrouwen leefde (de voorlaatste shah had er over de tweehonderd).

Het geeft wel heel goed weer hoe en in welke weelde deze klasse leefde. Ook de banden met andere keizers, koning(inn)en staatshoofden komen aan het bod, wanneer men de dure geschenken ziet die deze aan de shah’s hebben gedaan (Koningin Victoria, Alexander II enzovoort). Maar of dit alles echt werelderfgoed is …?

Behoudens in de spiegelzaal mocht men nergens binnen fotograferen. Hieronder dus enkele beperkte indrukken van het geheel, waaronder een foto van de clowns / hofnars die hier op enig moment in dienst waren.







Morgen gaan we met de trein naar Jazd, waar we onze fietsen zullen terug zien. We hebben er het volste vertrouwen in.



13-02-2014 – g(oude)n tijden herleven in Teheran

“Wat maakt Iran zo bijzonder dat jullie dit land voor een tweede keer bezoeken?” vraagt de man achter de balie van het hotel. “De mensen hier en het feit dat onze fietsen nog in Yazd staan” zeggen wij verbaasd. Wij hadden nog geen woord gezegd of we hij wist al wie wij waren. We waren gisteren net door de taxi voor de deur afgezet. Glimlachend liet de man het daar maar bij. Wij noodgedwongen ook, want het was drie uur ‘s-nachts en we verlangden ernaar om nog wat te gaan slapen, wat wonderwel goed lukte.

We zijn uitsluitend hier in Teheran om een “een transit visum” voor Turkmenistan aan te vragen, iets wat in Brussel helaas niet meer lukte. Thuis konden wij de officiële website van de betreffende ambassade niet kunnen vinden, dus hebben wij ons maar gebaseerd op de gegevens die op de site van Stantours (reisbureau voor (voormalig) Rusland stonden en die ons ook “geholpen” heeft aan een “letter of invitation” voor Uzbekistan.

Daarna liepen wij door een heel ander Teheran dan wij kenden. De zon scheen en het was redelijk helder. Feestversiering herinnerde nog aan het feest ter gelegenheid van de 11e februari vijfendertig jaar geleden, de dag van de Islamitische revolutie.



Op de achtergrond zagen we tegen Teheran aan, de bergen liggen die wij een maand eerder nog niet gezien hadden. Het was toen bewolkt en de smog overheerste het hele dal waarin die stad ligt.



Het viel ons op hoeveel hier gebouwd wordt. Laagbouw gaat tegen de vlakte en maakt plaats voor hoge kantoren of torenflats, die voor de mensen die oorspronkelijk hier woonden, niet meer te betalen zijn en hun heil ergens anders moeten zoeken. Niet richting de hoger en schoner gelegen gedeeltes van de stad, want daar wordt ook voor grof geld druk gebouwd. Nee, ze zullen het elders moeten zoeken. Het is een ontwikkeling die je niet alleen hier aantreft, maar eigenlijk (bijna) overal ter wereld te vinden is.



De ambassade hebben we niet kunnen vinden. Het bleek achteraf om een voormalig adres te gaan. Na veel zoeken hebben wij een ander adres gevonden met een telefoonnummer, waarop een bandje aangeeft dat het inderdaad om de betreffende ambassade gaat. Dus hebben we de wekker maar gezet en vanochtend “vroeg” op pad gegaan naar het ruim vier- honderd meter hoger en schoner gedeelte van de stad, vlakbij de plek waar kabelbanen bezoekers naar hun skibestemming brengen.



Het bezoek aan de ambassade was sneller afgewikkeld dan verwacht, dus snel maar een treinticket voor morgen naar Yazd halen (in de voorverkoop niet op het station maar bij een reisbureau), maar dat viel tegen. Het is hier (hun) zaterdag en dan zijn in de middag veel bedrijven al gesloten. Uiteindelijk hebben wij met behulp van iemand, die met ons meeliep, een bureau kunnen vinden dat ons de kaartjes verkocht. Niet voor morgen, nee voor de dag daarna en uitsluitend om zes uur ’s-ochtends, want de overige treinen (er gaan er toch zo’n zes per dag) waren al volgeboekt. Jammer, maar dan kunnen wij morgen wel wat uitslapen.



Op weg naar het hotel kwam ons plots een heerlijke geur tegemoet, de geur van koffie vanuit een zojuist geopende deur waardoor een jongeman naar buiten kwam, “Cafe-Bar Orient”, waar we even later aan een mooie kop koffie zaten. De achtergrondmuziek vertolkte (vreemd genoeg om dat hier te horen) Tombe La Neige van Adamo, Girl van The Beatles en vervolgens kwamen ook nog Charles Aznavour, Demis Roussos en Wham aan de beurt. Heerlijk! Hoe lang zal het nog duren voordat men hier naar The Kinks, Pink Floyd en anderen zal kunnen luisteren? In het hotel aangekomen hebben we eerst maar eens The Singles Collection van The Rolling Stones opgezet en onze gedachten naar g(oude)n tijden laten wegglijden.



11-02-2014 – met nieuwe slaapmatjes op weg naar Teheran

Het DHL-pakketje hebben wij inmiddels ontvangen. Het werd op veertien januari jl. bij het hotel in Goreme bezorgd, waar men het een dag later maar aan de afzender heeft geretourneerd. We gingen er toen maar vanuit, dat het pakketje nooit meer op tijd in Nederland zou aankomen, maar acht dagen later kregen we een mailtje van de Kampeermeester in Zwolle, dat daar het pakketje al was ontvangen. In acht dagen terwijl de verzending naar Turkije ruim zes weken in beslag nam.

Toen wij thuis het pakketje openden, zat er ook nog een zak kruidnootjes in en een briefje met de woorden

“Fijne vakantie / reis verder! Waarschijnlijk net te laat voor Sinterklaas, maar vast niet minder lekker! Groeten Monique, Arie en collega’s.”


 

  

Omdat de vervanging van de ventielen van het oude matje niet vanzelf ging, zijn wij maar even langs de importeur in Hazerswoude gegaan, want die wist wel met wat wrikken de oude ventielen te verwijderen. Alleen dat wrikken had niet de verwachte uitwerking: het matje scheurde kapot. Je zou denken dat je voor een nieuw exemplaar bij de importeur op het goede adres zou zijn, maar helaas was deze door zijn voorraad heen en de nieuwe voorraad lag in de haven van Rotterdam. Uiteindelijk hebben wij op de valreep gistermiddag nog een nieuw matje kunnen ophalen. Onze actie om twee goede slaapmatjes te hebben en die medio november jl. werd gestart, werd pas daarmee afgerond.

Zoals jullie weten zijn wij vorig jaar, de dag dat wij op de fiets vertrokken, getrouwd. Je zou denken dat men dat inmiddels wel vergeten zou zijn, maar nee hoor. Vorige week zondag stonden Rob, Marleen, Richard en Anja op de stoep voor een bakje koffie met iets heel lekkers erbij. Het beeldje hebben wij even een plekje op de homepage gegeven.



Nu zijn wij met het vliegtuig onderweg naar Iran. Vanmiddag hebben wij vanuit het vliegtuig nog een laatste blik op Amsterdam geworpen en zojuist zijn wij de Bosporus gepasseerd om in Istanbul een tussenstop te maken. Morgenochtend om kwart over twee zullen wij in Teheran landen. We zijn heel benieuwd.




 

                                                   "in oosterse sferen"

een bonte verzameling indrukken