30-05-2014 – de Russische aanwezigheid is hier niet vergeten

Of de wolf gisternacht nog vaker gehuild heeft, weten we niet. Pas om zes uur werden wij weer wakker doordat zonnestralen, door de takken van de bomen heen, op het tentje vielen en de temperatuur daarbinnen omhoog deden gaan.

Even later stopte aan de weg een auto, waaruit een man stapte, die tussen de bomen door, op een afstand van nog geen tien meter van onze tent, naar het akkerland liep. We hadden het gisteren wel gezien. Het werd de hoogte tijd, dat deze velden geïrrigeerd werden. Het stond nu te gaan gebeuren, want de man begon de kanaaltjes stuk voor stuk daarvoor gereed te maken. Uiteindelijk kreeg hij ons toch in de gaten en kwam benieuwd polshoogte nemen, hoe wij het voor elkaar kregen alles weer in te pakken en op de fiets te laden.



De omgeving is mooi en kwam, net als het weer soms wat onstuimig over. Wel jammer was, dat wij halverwege naar het zuiden moesten afbuigen. De wind kwam nu pal van voor, maar gaf wel in het begin van de middag de nodige afkoeling, toen wij nog een kleine driehonderd meter naar Karakol moesten klimmen. Op dat moment dringt het tot ons door, dat wij inmiddels duizend meter hoger zitten, dan toen wij uit Bishkek vertrokken.


 


De streek is wat armer, dan wij tot nu gewend waren. Sinds de Russen hier vertrokken zijn, is de levensstandaard een stuk lager geworden, het assortiment in de winkels beperkter en krijgt deze stad steeds meer het karakter van een buitenpost. Dat de activiteiten zijn daarop aangepast, kunnen wij onder meer opmaken uit het feit, dat hier weer lemen bouw- blokken worden gemaakt, die daarna in de zon te drogen worden gelegd. Kinderen trekken zich daarvan niets aan, die spelen immers overal.




De stad ademt een rustige sfeer uit en laat duidelijk zien dat het hier vroeger een stuk welvarender is geweest. Ook hier staat Lenin nog stevig op zijn sokkel en laten de Russische straatnamen zien, dat men die tijd hier nog niet is vergeten.




Voor morgen staat een bezoekje aan (je verzint het nooit) een Chinese moskee op het programma. Vandaag hebben wij ons laten verleiden om “de kathedraal” van de Russisch-Orthodoxe kerk te bezichtigen, een hou- ten replica van het in 1890 door een aardbeving verwoeste exemplaar.





Terug slenterend naar het Teskey Guesthouse, een onderdak waar we heel tevreden mee zijn, beseffen we, dat Karakol (wel tachtigduizend inwoners) een knusse plaats is en dat wij het hier best naar het zin hebben.





routelink                              http://goo.gl/maps/6NQ1N

standplaats                          Karakol

route kilometers                     74                        totaal                   8080

extra kilometers                       0                        totaal                     644

hoogtemeters                       490                        totaal                 42473



28-05-2014 –  vannacht voor het eerst een wolf horen huilen

Met Nadya hadden wij wel nog even afgesproken, dat wij graag om negen uur ontbijt hadden. Een knikje met haar hoofd liet ons weten, dat zij daar- mee akkoord ging. Of zij slecht geslapen had of zich gewoon bedacht had, weten we niet, maar gisterochtend klokslag half negen stond zij in de kamer. Zij keek op zo’n een nadrukkelijke manier naar de tafel, alsof wij daar al smachtend naar haar ontbijt aan tafel hoorden te zitten. We moe- ten wel eerlijk zeggen, dat alles wat zij daarna op tafel zette, gewoon heerlijk was, de warme jam of gelei inbegrepen.

De lucht buiten en de herhaalde windvlagen bevestigden, dat wij er goed aan hebben gedaan een dag bij Nadya te blijven. Na nog even op internet bezig te zijn geweest, ze heeft inderdaad af en toe werkend Wi-Fi, hebben wij geprobeerd de oude rotstekeningen (petroglyphs) te vinden, maar dat is helaas niet gelukt. Dat vonden wij ook niet zo heel erg, omdat wij alleen vanwege het dreigende weer graag wat in de buurt van Nadya wilden blijven. Enkele indrukken van de nabije omgeving:





Vanochtend zijn wij met stralend weer vertrokken. Het klopt inderdaad, de eerste tachtig kilometer  aan de noordkant van het meer (die we al achter de rug hebben) moet je snel vergeten. Vandaag hebben wij van de omge- ving weer eens lekker kunnen genieten, met hier en daar het meer helaas ver op de achtergrond. Ongetwijfeld vanwege de hoogte, is de omgeving koud, maar de zon kan haar zeer goed opwarmen. Dat was nu ook het geval. Na een uur of twee moest je, als je stil stond, toch wel de schaduw opzoeken. We hebben snel maar wat boodschappen gedaan en langs de weg onder een paar bomen, een leuk plekje voor de nacht gezocht.






Nu is het bijna twaalf uur in de nacht. We zijn ergens door wakker gewor- den. Niet door de auto’s, die af en toe even verderop, langs ons heen rijden. Niet door de kleine rupsjes, die zich uit de boom laten vallen en op de tent een geluid maken of druppels naar beneden ploffen. Nee, het is een wolf, die zich ergens dichtbij, in het geluid van af en toe jankende honden in de buurt mengt. Het zorgt voor kippenvel op je armen en rillingen op je rug. Het huilen is gewoon wat angstaanjagend, terwijl je weet dat een dergelijk dier over het algemeen uit de buurt van mensen blijft.

We luisteren heel aandachtig of wij niets vreemds horen, maar het enige geluid is af en toe een tik op de tent, dat zal wel weer een rupsje zijn.


routelink                              http://goo.gl/maps/mKhLR

standplaats                          Orto Oruktu -/- 4 km

route kilometers                     68                        totaal                   8006

extra kilometers                       0                        totaal                     644

hoogtemeters                       303                        totaal                 41983



26-05-2014 – “tuuteretuut …  druk druk! … mopper mopper!

We zijn een uurtje geleden bij guesthouse Pegasus aanbeland. Toen we hier aankwamen was er niemand aanwezig. Een telefoontje van ons liet weten, dat Nadya (de uitbaatster van het geheel) binnen tien minuten aanwezig zou zijn. Een half uur later stopte een auto. De vrouw die uitstapte was in de veertig en van het type Truus de Mier: wat klein, tenger gebouwd en een ietsepietsje ADHD-achtig. Het bleek de vrouw te zijn die we verwachtten.

Na slechts een minuut durende rondleiding: “schoenen moeten buiten uit”, “daar staan de bedden” en “dat witte hok achterin de tuin is de plee”, verdween zij weer met de mededeling dat zij het heel druk had, maar dat zij over een half uur wel weer terug zou zijn.  “Maar moeten wij ons dan niet inschrijven?” vragen wij haar.

“Kirgizië is een liberaal en democratisch land!!!” krijgen we als antwoord als we vragen of onze paspoorten daarvoor nodig zijn en maken daaruit op, dat wij ons helemaal niet hoeven in te schrijven. We wachten nog heel even op een verdere onderbouwing van het geheel of, maar het bleef daarbij. Bij ons rijst het vermoeden, dat wij iets verkeerds hebben gedaan of gezegd, maar we weten absoluut niet wat. Nadat ze in de tuin nog wat met wasgoed heen en weer had gerend, hebben we haar daarna, ze zou maar een half uurtje  wegblijven, helemaal niet meer gezien.

Even later lezen we in het gastenboek:

“26-06-2013 – Nice place in a beautiful area, but I got the feeling that Nadya is a bit fed up with tourists. Usually what happens when you end up as “our pick” in the Lonely Planet. Or maybe she had just a couple of bad days.”

Het ligt dus gelukkig niet aan ons. Alleen jammer (niet alleen voor ons, maar ook voor haarzelf), dat haar stomme gedrag niet van tijdelijke aard is geweest, maar ze is daarin absoluut niet de enige, zo weten we uit eigen ervaring.



De rit hier naartoe zal niet lang in ons geheugen gegrift staan, of mis- schien juist wel. Gisteren hebben wij door een niet heel imposante omgeving veel moeten klimmen, om op het “vals plat” gedeelte aan het einde van de middag, beloond te worden met dertig kilometer wegwerk- zaamheden, die de gehele breedte van de weg in beslag nemen. Het is de doorgaande weg van west naar oost, met (zelfs op zondag) redelijk veel verkeer, dus heel veel stof, kuilen, stenen en hobbels.

Om het stof tegen te gaan, wordt er af en toe water “gesproeid”, met vaak als gevolg daarvan glibberige sporen, waar het (vracht-) verkeer ook graag gebruik van maakt en daarop niet graag fietsers ziet (verder modderen). We hebben zoals we al eerder hebben gedaan, ook toen onze laatste troef maar uitgespeeld: “je doodrijden doen ze niet met opzet”, dus gewoon doorfietsen, je nergens wat van aantrekken en een dankbaar handje opsteken als je weer de ruimte hebt om ze te laten passeren. Dat werkt bijzonder goed. Vaak wordt als groet nog even getoeterd, gezwaaid of langszij nog even gevraagd, waar we zoal vandaan gekomen zijn en soms zelfs waar we naartoe gaan (misschien wel om daarmee alvast rekening te houden).

Onderstaande foto is genomen even voordat de werkzaamheden goed begonnen en het zicht nog redelijk goed was. Even daarna kon je door het stof vaak niets meer van de omgeving waarnemen.



We waren in elk geval compleet versleten toen wij in Balykchy aan- kwamen. Gewoon misselijk van het stof, de uitlaatgassen van de vracht- wagens, die ook een tandje extra moeten trekken en het heen en weer beuken op de weg. We waren dan ook dolblij toen wij een hotelletje tegenkwamen. Dus niet kilometers verderop je tentje opzetten, maar gewoon ophouden met trappen. Men was bezig het uit de winterslaap te halen, dus weinig voorzieningen, maar dat maakte voor ons niets uit. Men had ons wel een warme douche beloofd en hebben die inderdaad gekregen, gewoon super!

Omdat ons lichamen gewoon even wat rust nodig, spraken we af om pas vanochtend te kijken hoe ze ervoor stonden of misschien wel lagen. Het viel gelukkig mee. We zijn weer op de fiets gestapt met het idee om tegelijk maar het minst interessante gedeelte van het meer achter de rug te hebben, maar wel met het voornemen hier in Cholpon-Ata een dag te blijven. Dan kunnen wij morgen daar even verderop, de soms zeer oude rotstekeningen (petroglyphs) gaan bekijken.


routelink                              http://goo.gl/maps/OLIA8

standplaats                          Cholpon-Ata

route kilometers                  166                         totaal                   7938

extra kilometers                      0                         totaal                     644

hoogtemeters                      892                         totaal                 41680



24-05-2014 – Russen met Fransen kunnen er ook wat van

Het is nog geen zeven uur in de morgen en het guesthouse is nog in diepe rust als die plotseling verstoord wordt door een “redelijk” luid pratend iemand. Dan blijft het heel even stil. Vervolgens horen wij een zestal mensen banjerend binnenkomen, die even geleden op de luchthaven zijn geland. Er wordt luidruchtig heen en weer gelopen. Deuren gaan open en slaan weer dicht. Het blijken Fransen en Russen te zijn, die elkaar waarschijnlijk in het vliegtuig hebben ontmoet. Omdat ze elkaars taal niet eigen zijn, spreken ze in het Engels. Om te voorkomen, dat ze elkaar niet begrijpen, spreken ze extra hard. Aan de voetstappen boven en om ons heen, kunnen wij opmaken dat niet alleen wij door dit gebeuren wakker geworden zijn.

Voor ons maakt het niet zoveel uit. We hadden de wekker toch al op zeven uur gezet om niet al te laat vandaag te vertrekken. Als we naar het keukentje lopen om koffie te zetten en een ontbijtje in elkaar te flansen, blijkt dat deze ruimte al door de nieuwkomers geconfisqueerd en tot een bar is omgedoopt. De volle bierflessen op tafel worden redelijk snel voor lege exemplaren verwisseld.

Vreemd genoeg zijn het allen fietsers, de meesten hebben die kleding nog aan. Schoenen voor klikpedalen knarsen op het tegelpad. Gelukkig voor de eigenaar moeten schoenen aan de deur uitgetrokken worden. Twee van de zes mensen zijn inmiddels in de garage bezig fietsdozen te openen en hun spullen bij elkaar aan het zoeken. Om een uur of acht, wordt men al wat rustiger. De vele fietstassen, die her en der verspreid liggen, worden stilletjes bij elkaar gezocht. Het laatste bierflesje wordt geopend en even voor negen, het moment dat wij vertrekken, is het hele guesthouse weer in diepe rust. De nieuwkomers liggen te ronken, de anderen zitten lekker rustig aan de koffie of thee in de tuin.

De eerste dertig kilometer van vandaag zijn nodig om de stad uit te komen. Het is zaterdag, het verkeer valt gelukkig mee. De bewolking en het ontbreken van wat wind vannacht, hebben voorkomen, dat de lucht wat frisser werd. De lichte nevel van vanmorgen doet de smogvorming versnellen. Het is warmer en plakkerig dan normaal op dit uur. We zijn dan ook blij, als wij de stad verlaten hebben, de lucht wat helderder wordt, ook al doet een chemische fabriek zijn best om de overgang van de stad naar het schonere platteland niet al te groot te maken.

De rit van vandaag is niet spectaculair. Na zeventig kilometer doen wij wat inkopen en proberen ergens een plekje voor de nacht te vinden. Na een vergeefse poging, wel een mooie locatie, maar er staat aangelijnd vee, dat ongetwijfeld straks opgehaald worden, vinden wij pas twintig kilometer later een plaatsje achter een kerkhof. Heel mooi, wel een beetje een dode boel, maar we zullen rustig kunnen slapen en de omgeving zal ons niet vervelen.



Dat laatste klopte. Nog voordat wij naar binnen kropen, kwam een boer nog met twee paarden en een veulen langszij om het bij zijn thuis vast te pinnen. En even later konden wij het stromend water uit het naastgelegen irrigatiekanaaltje wel vergeten, het werd drooggelegd.




Morgen zullen wij ongetwijfeld het meer bereikt hebben. De eerste tachtig kilometer daaromheen, zo hebben wij inmiddels gehoord, zullen je doen afvragen wat je hier eigenlijk doet, maar dat schijnt ruimschoots gecompenseerd te worden door de daarop volgende kilometers. We zijn benieuwd en hebben ons voorgenomen ons gewoon maar te laten verrassen.


routelink                              http://goo.gl/maps/vVvzH

standplaats                          Kemin -/- 3 km

route kilometers                     91                        totaal                   7772

extra kilometers                      3                         totaal                     644

hoogtemeters                       417                        totaal                 40788



22-05-2014 – het is hier een komen en weer gaan

Gisteren had Miss Liu inderdaad onze visa voor ons klaar liggen. Met betrekking tot de mogelijkheid Tibet te bezoeken, adviseerde ze ons, dat zodra we in China zijn, langs een reisagentschap te gaan om daar een georganiseerde tour naar Tibet te boeken. Om een Tibet-permit te ont- vangen, moet je visum minimaal nog twee weken geldig zijn. De fietsen en bagage zouden wellicht  apart naar Lhasa gezonden kunnen worden. Nadat je met de tour de highlights hebt gezien, laat je je gewoon naar de grens brengen. Fietsen kan ook wel, maar dan moet je voor het aantal dagen dat je in Tibet fietst, wel een dure gids meenemen. We houden van onze vrijheid, dus dat laatste zien we absoluut niet zitten.

Mocht Tibet-Nepal niet lukken, dan bestaat altijd nog de mogelijkheid om vanuit Nederland met bijvoorbeeld Tropical Cyclist georganiseerd naar Lhasa te vliegen om daarvandaan naar Kathmandu te fietsen.

Een schrale troost: je hoort vaak zeggen, dat Yunnan mooier en Tibetaan- ser dan Tibet zelf. Vervelen zullen wij ons daar dus niet met o.a. de Tijger- kloof, Lijang, Dali en onderweg naar misschien wel Noord-Vietnam of Laos, nog even langs Xian met het terracotta-leger of iets in die geest. We hebben een visum van dertig dagen. We zullen kijken of deze tegen die tijd (nog) met dertig dagen te verlengen is.

Intussen is het in het guesthouse een komen van mensen, die tijdens de visumjacht daar een aantal dagen verblijven en weer tevreden gaan als ze alle visa op zak hebben, zo ook deze aardige Japanse jongeman (zijn naam is ons helaas ontschoten, maar was voor ons ook niet uit te spreken geweest). In Bishkek heeft hij zijn eerste visa verzameld en is inmiddels op weg naar Iran.



Toen hij vandaag met zijn ligfiets vertrok, moesten we onbedoeld toch even denken aan een Japanse jachtvlieger, die op het punt stond om (tijdens WWII) in een fameuze/beruchte Zero de lucht in te gaan.



Ook Heike kwam nog even gedag zeggen voordat ze met David (de Frans- man) vertrok om een tour van een aantal dagen te maken in het gebied ten zuiden van het meer Issyk-Kol. Ondertussen zullen haar verdere plannen verder overdacht zijn, om via Mongolië de weg naar Japan en/of Korea te zoeken.


  

Wijzelf vertrekken overmorgen richting Karakol, een plaats aan de oostzijde van het Issyk-Kol meer, vierhonderd kilometer verderop. Vandaar zullen wij langs de zuidkust van dat meer terug naar Toktogul fietsen, de plaats waar wij een week geleden met de klim naar de twee passen naar Bishkek zijn begonnen.


routelink                               http://goo.gl/maps/vLlr6

standplaats                          Bishkek

route kilometers                      0                         totaal                   7681

extra kilometers                     21                        totaal                     641

hoogtemeters                          0                         totaal                 40371



20-05-2014 – nauwelijks Lada’s, Moskvitch’s of Wolga’s te zien

We hebben ons er erg over verbaasd. In Turkmenistan en Oezbekistan waren de genoemde automerken in meerderheid in het straatbeeld te herkennen. Andere automobielen waren er nauwelijks. Zodra wij de grens met Kirgizië passeerden, was het aanbod compleet anders. Nagenoeg geen enkel Oostblok vehikel meer, maar uitsluitend auto’s die zo (tweede- hands, schade of sloop) uit West-Europa zijn gekomen en hier keurig zijn opgepoetst. Vervoermiddelen van dertig jaar oud zijn geen unicum. Auto’s met een egale kleur en/of een strakke carrosserie zijn daarom maar moeilijk te vinden. Met regelmaat zie je ook een auto met het stuur rechts, die komt niet uit Engeland maar uit Thailand, waar ze natuurlijk ook een overschot aan overjarige gebruikte voertuigen hebben.

Waarom hier zoveel vrachtverkeer rijdt, weten we niet. Het land heeft immers (officieel) maar vijf miljoen mensen. De vrachtwagens die gebruikt worden, zijn redelijk op leeftijd en die komen uit dezelfde hoek. Ze komen uit Nederland en de ons omringende landen (DAF, Mercedes, Volvo, Scania, het maakt niet uit). De oorspronkelijke belettering staat er vaak nog op en zo kwamen wij inmiddels namen tegen als: De Mooij Transport, GCA Moerdijk, (waar Maria nog heeft gewerkt), zelfs v/d Mark Transport uit Oud-Beijerland en Heijboer uit Heinenoord.

Hetzelfde geldt voor de categorie “busjes”. Wij in het westen halen ook hier onze neus op. Ze zijn uit de lease gelopen en wij moeten ze niet meer. Feitelijk kapitaalvernietiging, want hier rijden nog wel heel netjes en tot ieders tevredenheid nog heel wat jaren rond. We hebben ze zien rijden: Taxi Boersma, Niemantsverdriet uit Spijkenisse en Soomers uit Leerdam, alle in het personenvervoer, maar ook een groenteman uit Venray en iemand die bij gebrek aan de ons bekende Romaanse “S” een cyrillische “S” (C) aan zijn activiteit had toegevoegd.




Een ander iets waar we hier over verbazen, is de waarde van de munten. Normaliter is de reeks: een 1, een 2, een 5 en een 10, of een zekere veelvoud daarvan. We weten niet of Kirgizië daarin uniek is, maar hier zijn de waarden een beetje anders.



Of de mensen hier zelf nog niet aan gewend zijn, of dat men een gebrek aan een munt van 10 Som hebben, weten we niet. Herhaaldelijk hebben wij als wisselgeld (met een plakbandje erom heen) drie munten van 3 Som en een munt van 1 Som ontvangen.

We zijn het volstrekt vergeten te vertellen. We hebben hier vijf dagen geleden in Bishkek ons intrek genomen in het Sakura Guesthouse, dat gerund wordt door een Kirgizische die getrouwd is met een Japanner. Het is echt een pretje. Alles is aanwezig: mooie schone dorms en kamers, heerlijke warme douches, een kleine schaduwrijke tuin met daarin een algemene keuken, maar vooral ook weer eens lekker snel internet dat je doet vergeten, waar je al die afgelopen tijd zo naar verlangd hebt. In de tussentijd zijn wij dan ook bezig met het inhalen van de achterstand die wij op de site hebben opgelopen. Of dat helemaal zal lukken weten wij nu nog niet.

Morgenochtend staat in het teken van China. Zal Miss Liu op haar kantoor onze paspoorten met daarin het visum voor China voor ons klaar hebben liggen? We gaan er wel van uit, maar hebben is hebben. Misschien heeft zij ook nog een suggestie om toch Tibet in te kunnen komen en ons daarvandaan Nepal in te laten zakken. We zullen het wel horen, niets is hier te gek, ook niet voor bomen, die al tientallen jaren de storm hebben getrotseerd.


routelink                              http://goo.gl/maps/vLlr6

standplaats                          Bishkek

route kilometers                     0                         totaal                   7681

extra kilometers                     5                         totaal                     620

hoogtemeters                         0                        totaal                  40371



18-05-2014 – de hoofdstad Bishkek doet volledig westers aan

Toen we een week geleden Bishkek naderden, waren wij verrast zoveel westers aandoende mensen tegen te komen. Met inachtname van het redelijk aantal aanwezige Chinezen en (Noord-) Vietnamezen en dito Koreanen, voelde het aan alsof wij een westerse hoofdstad binnenreden. Het had zomaar een stad als Brussel kunnen zijn. De aanwezigheid van Starbucks, KFC, McDonalds en vele andere voor ons bekende merken (voor het eerst dat wij in Kirgizië zijn), maakte dat gevoel nog sterker.



Veel Centraal-Aziaten wonen hier niet. De reden daarvan ligt voor de hand. Toen het tsaristische Rusland omstreeks het jaar 1890 deze dun- bevolkte streek veroverde, was Bishkek slechts een met aarden wallen omringd fort langs de zijderoute, dat meteen gesloopt werd. Op die plaats werd toen een stad gesticht. Daar vestigden zich, al dan niet onder dwang, Russische boeren, die tot op heden hier gebleven zijn. De overige wester- lingen zijn mensen uit het voormalig Europese Oostblok en de Aziaten zijn de communistische maatjes uit het verleden, met uitzondering van de Chinezen, die zich hier (veelal als zakenvriendjes) pas daarna en dus nog niet zo lang geleden hebben gevestigd.

Deze mengeling zorgt ervoor, dat deze stad geen Russisch karakter en uitstraling heeft, dit in tegenstelling tot de Russisch Orthodoxe kerk, waar we vanochtend even binnen zijn gelopen.



Wel zal het de reden zijn, dat men de Russen hier nog steeds een warm hart toedraagt en Lenin nog steeds in het straatbeeld is te vinden, evenals andere monumenten, die aan die tijd herinneren.





Gisteren zijn wij bij Miss Liu langs geweest. Van tevoren hadden wij de laatste dagen een beetje gekscherend een voorstelling van haar gemaakt. Een beetje zure vrijgezelle tante, wonend in een flatcomplex met gelijk- gestemden dat “De Hunkerbunker” heet, gelaten wachtend op haar pensioen om dan te kunnen verhuizen naar de seniorenflat “Tranendal”, maar zich ondertussen wel, vanwege haar redelijk inkomen de geneugten over zich heen liet komen, zonder dat ze die ook maar enigszins waardeerde.

Dit alles had wel zijn reden. We hadden haar enige dagen daarvoor een mailtje gestuurd, maar nooit antwoord op gekregen. Aan de visa die (hier uitsluitend) via haar worden aangevraagd, hangt een redelijk prijskaartje. Ook hadden wij vernomen, dat zij nog een andere verrassing in petto had, dat een visum nog ruim dertig dollar duurder zou maken. Gisterochtend was zij niet aanwezig (op de Chinese Ambassade natuurlijk), maar om twee uur in de middag zou zij wel aanwezig zijn. Je raadt het al, om twee uur stonden wij voor een gesloten deur, die pas om half vier voor ons werd geopend. Het door ons gefantaseerde beeld was met dit alles compleet geworden.

De dame die de deur voor ons open deed, was een vlot, ietwat tenger en innemend iemand van tegen de veertig jaar met een vriendelijk en gema- tigd Chinees uiterlijk. Ze verontschuldigde zich voor haar late aankomst, waarop een westerse jongeman die met haar meeliep, nadrukkelijk vertelde dat hij de oorzaak van dat alles was. Hij had een visumsticker van een ander in zijn paspoort gekregen en dat hadden zij zojuist op de ambassade weten op te lossen. Zou die vrouw inderdaad Miss Liu zijn? Ze bleek in het inderdaad te wezen.

De verrassing die zij in petto zou hebben, was een nieuwe gril van de Chinese Autoriteiten. Officieel moet je je binnen vijf dagen na aankomst in Kirgizië laten registeren. De kosten bedragen zeshonderd Som (twaalf dollar). Van oudsher staat daar een boete op van duizend Som (twintig dollar). Laat je je niet registeren, dan vindt men het hier ook goed. Mis- schien is dat wel de reden waarom niemand meer van dit fenomeen op de hoogte is.

Nu heeft China sinds hun nieuwjaar een nieuw regel uitgevaardigd. Visa mogen alleen nog worden nog verstrekt door een ambassade in een land, waar de aanvrager staat geregistreerd. Een klein belletje deed een paar minuten later de deur openen, waarop een man een man verscheen die ons wel even zou laten registeren. Twee registraties zijn blijkbaar wat goedkoper, want drieduizend Som (zestig dollar) waren nu voldoende.

Tot het moment dat hij weer terug was, konden wij een paar (volgens Chinese regels) pasfoto’s laten maken, in welke tijd Miss Liu haar forma- liteiten voor ons verder afhandelde. Het was inmiddels vijf uur geworden. Dat haar kantoor officieel om vier uur sloot, scheen haar niet te deren. Na betaling van het spoedtarief (drie in plaats van vijf werkdagen) van in totaal driehonderd dollar, vernamen wij, dat wij woensdag aanstaande de visa bij haar kunnen afhalen. We hebben ons maar voorgenomen de komende tijd, daar waar mogelijk, wat meer ons tentje te gebruiken.

En nu eerst even tijd voor wat anders:  


 

routelink                               http://goo.gl/maps/vLlr6

standplaats                           Bishkek

route kilometers                      0                         totaal                   7681

extra kilometers                      0                         totaal                     615

hoogtemeters                          0                         totaal                 40371



16-05-2014 - een grote troost voor Edith en Annette

Alweer ruim een jaar geleden lazen wij in het boek “Een Jaartje Fietsen” van Edith Vermeulen:

“Er ligt nu een afdaling van bijna 70 km voor ons! Niet louter genoegen want het wegdek is niet geweldig en ook bereiken we na een half uurtje een regenzone waar we de rest van de middag in blijven. Daardoor missen we ook het zicht op de bergen achter ons.”

Eergisteren stonden wij, nadat wij voorbij de tunnel waren afgezet, op precies diezelfde plek. We hebben goed om ons heen gekeken, maar ook niet datgene kunnen ontdekken, dat aan de andere kant van die pas, de omgeving zo mooi maakte. Voor ons gaapte, na een klein schuin vlak om alvast wat te wennen, een diepe kloof die geen enig teken liet zien, dat de afdaling een spectaculair gebeuren zou worden. Dat werd het helaas ook niet.

Het wegdek was in het begin niet al te best, maar daar zou best mee te leven zijn, als er geen forse strakke wind stond. De eerste vijf kilometers waren dan ook in het kader van goed je evenwicht bewaren, niet te dicht over de reling hangen en je door een windvlaag niet de verkeerde richting naar beneden laten opsturen. We dachten toen echt, dat als we uiteindelijk tot de kloof zouden zijn afgedaald, wij aan het echte afdalen zouden kun- nen beginnen. Een hoogteverschil van ruim tweeduizend meter overbrug- gen in zo’n zeventig kilometer, dat moet een mooi feestje kunnen worden.  Het verbeterde wegdek zou daarvan misschien al een voorbode hebben kunnen zijn. Het was inmiddels al drie uur in de middag.

Valwinden zorgden er echter voor, dat door de kloof een storm gierde, die er af en toe voor zorgde, dat je keihard moest bijtrappen om in de, af en toe zelfs scherpe, afdaling, een gemiddelde van meer dan tien kilometer op je tellertje te halen. Het eventjes perfecte asfalt was ook in geen (velden of) wegen meer te bekennen. Nee, het was zwaar zwoegen om beneden te komen, herhaaldelijk een zeer link gebeuren, waarbij we af en toe toch een beetje spijt hadden, dat wij ons niet door de twee vracht- wagenrijders hebben laten verleiden, om toch helemaal naar Bishkek met ze mee te rijden.

Voor de omgeving hadden wij dat niet hoeven te laten. Er was niets te zien, zelfs niet iets dat met een beetje fantasie tot iets leuks op te poetsen zou zijn. Uitsluitend een glimlachende herder met zij  kudde (want hij had wel een forse wind in de rug) met zijn kudde en het punt waar wij door de wind volledig tot stilstand kwamen.




Edith en Annette zijn (weliswaar in het jaar 2008) ongeveer zes weken voor ons (op vijftien juni) uit Nederland vertrokken. Dat verschil van zes weken is globaal tot op heden hetzelfde gebleven. Zij waren eerder in Oost-Europa met verzengende hitte op onder meer de poesta’s, eerder in Iran waar zij de koude niet meer konden ontwijken, eerder in Centraal- Azië waar de lente nog niet ingetreden was en zij door de zware sneeuw hun fietsen moesten trekken, daar waar wij nu om ons heen kijken waar al die witte substantie is gebleven. Ze hebben door dat alles wel meer moeten afzien, maar in hun fotoalbum(s) zitten daardoor hele mooie en soms spectaculaire plaatjes, waar wij alleen maar jaloers op kunnen zijn.

Zij hebben echter nog geen impressies van de “spectaculaire” afdaling vanaf de tunnel naar Sosnovka, een pleisterplaatsje halverwege Bishkek, waar zij en ook wij hebben overnacht. Zij zouden die indrukken vanwege de regen tijdens de afdaling hebben moeten ontberen, zo vertelde Edith hierboven al:

“ …. een regenzone waar we de rest van de middag in blijven. Daardoor missen we ook het zicht op de bergen achter ons.”  

Als grote troost zeggen we bij deze tegen Edith en Annette: “Jullie hebben bij die afdaling absoluut niets gemist, gewoon omdat er gewoon niets te missen viel!”

We hebben er al eerder over gehad. De belevenissen van deze twee zeer ondernemende dames staan in het het boek “Een jaartje fietsen”, dat werd geschreven door Edith Vermeulen. Elk hoofdstuk is voorzien van een leuke illustratie. Het bevat een schat aan goed bruikbare informatie en de belevenissen worden op een grappige wijze beschreven. Zelfs het herhaaldelijk afzien is zonder klagen en op een luchtige wijze vastgelegd.

Het boek is helaas nog steeds uitverkocht, maar nog wel te leen in diverse bibliotheken. Ook is het als PDF te downloaden via haar eigen website www.edithvermeulen.nl voor slechts € 2,50. Een absolute aanrader! Voor een uitgebreid fotoverslag van hun jaartrip kan je terecht op www.jaartjefietsen.mijnalbum.nl

Gisteren zijn wij heelhuids in Bishkek aangekomen. De eerste twintig kilo- meters waren langs een rustige, nog steeds wat afdalende weg door een vlakte waar, als we niet achterom keken, geen bergen meer te bekennen waren. De laatste zestig kilometer hebben we afgelegd langs de door- gaande oost-west weg, wat qua verkeer absoluut geen pretje was. Maar we mogen daarbij niet vergeten, dat Bishkek inmiddels een grote stad is geworden, waar het onofficiële aantal inwoners op zo’n anderhalf miljoen wordt geschat.




Het is vandaag vrijdag. Wij lopen straks eerst bij Miss Liu van Asia Travel langs om te zien wat zij, met betrekking tot het China-visum, voor ons kan betekenen. We hebben hoog gespannen verwachtingen.


routelink                               http://goo.gl/maps/vLlr6

standplaats                          Bishkek

route kilometers                   84                          totaal                   7681

extra kilometers                    6                           totaal                     615

hoogtemeters                       58                          totaal                 40371



14-05-2014 – een leuke ontmoeting op een zeer goed moment

We zijn vroeg vanuit Toktogul vertrokken, waar de plaatselijke ver- lichte geest (anderen noemen hem gewoon de dorpsgek) ons belang- stellend had gevraagd, waar de reis zoal naartoe zou gaan. Toen hij van het doel doordrongen was, schudde hij zijn hoofd, alsof hij wou zeggen: “De andere kant van de heuvel! Nooit doen, daar ben ik zelfs nog nooit geweest!” en vertrok toen hij doorkreeg, wij absoluut niet op andere gedachten te brengen waren.



Het was lekker fris, toen meteen aan het eind van dat best gezellige plaatsje, het klimmen begon. Een klein snelstromend riviertje langs de weg met wat watervalletjes, zorgde daarbij voor de nodige afleiding. Onderweg kwamen wij meermalen grote transporten van dieren tegen. Vaak eerst een groot stel paarden, dan een koppel van tientallen runderen en dan aansluitend een grote kudde van zomaar een paar honderd schapen. Vreemd genoeg gaan ze dezelfde richting op als wij. We weten alleen niet waarom, want het smalle dal gaat, naarmate we hoger komen, over in een heel smalle kloof, waar voor zoveel dieren absoluut geen grazige weiden te vinden zijn.



Na zo’n duizend meter geklommen te zijn, de afstand maakt op deze trip niet zoveel uit, zagen we een leuk stukje gras, waar we tussen een paar struiken langs de weg zouden kunnen slapen. Het was wel wat vroeg in de middag, maar misschien zou zich daarna geen mogelijkheid voordoen. We hebben wel de gelegenheid aangegrepen de laatste granaatappelthee uit Goreme op te drinken en bij het verscheiden van de dag nog een keer (slechts op een plaatje) te genieten van het heerlijke biertje, dat Guus op zijn verjaardag virtueel vanuit Putters- hoek heeft gekregen.



Voor vandaag staan de laatste twaalfhonderd klimmeters naar de eerste pas op het programma. Het gaat redelijk voorspoedig, totdat na negenhonderd meter klimmen een stukje rood gekleurde helling Guus dwingt te gaan lopen, wat hij dan ook meteen maar doet. Op dat moment stopt voor hem een trekker met oplegger. De chauffeur vraagt of wij geen lift willen. Het klinkt wel aanlokkelijk, want dan kunnen wij vandaag ook de tweede pas naar boven komen, een stuk dat op de grafiek felrood is gekleurd en ongetwijfeld morgen heel veel moeite zal kosten.

De opgekomen twijfel was in een oogwenk verdwenen. Zo’n kans krijg je niet vaak. Even later kijken we op een wat hoger niveau dan op de fiets, op de omgeving neer. Het wordt een leuke en heel onderhou- dende rit met hem en Farit, zijn goedlachse bijrijder.



We bereiken heel snel de eerste pas. Het verbaast ons, dat er nog maar weinig sneeuw ligt. Een door Farit gemaakt video’tje laat echter zien, dat het twee weken geleden nog compleet anders was. Verkeer wurmde zich toen, over een papachtig wegdek, door een volledig witte omgeving en ongelukken (met/door voornamelijk tankwagens) waren aan de orde van de dag. De passen worden in de winter met man en macht opengehouden. De weg wordt alleen (tijdelijk) afgesloten als lawinegevaar dreigt, maar de genie-eenheden van het leger blijken daar wel raad mee te weten.

De weg zelf is ongeveer twintig jaar geleden door Iran aangelegd, de tunnel op de top door Russen in een tijd, dat deze landen elkaar nodig hadden, een mooi samenwerkingsverband. De tunnel  is drie kilometer lang en is door dezelfde mensen geboord, die ook de metro van Moskou en Petersburg hebben aangelegd. Waarschijnlijk hebben ze hier hetzelfde gereedschap gebruikt, want de tunnel is helaas heel smal. Vrachtwagens uit tegenovergestelde richting moeten op elkaar wachten, want elkaar in de tunnel passeren is er niet bij.

Na de eerste pas ontvouwt zich een mooie vallei, waarop veel bedrij- vigheid te zien is. Nu begrijpen we meteen de vele veetransporten. Het uiteindelijke doel daarvan is deze mooie hoogvlakte, waar in het voor- jaar de herders terugkeren en inmiddels hun yurts aan het opbouwen zijn.



De klim naar de tunnel is een stuk steiler en gaat langzamer. Onder ons wordt de vlakte steeds kleiner. De betonnen vangrails laat zien, dat menigeen hem nodig heeft gehad om niet de kortste weg naar beneden te hoeven nemen. Uiteindelijk komen we bij de tunnel aan. Aan de andere kant daarvan zullen wij worden afgezet, maar zover is dat nog lang niet. De tunnel is even afgesloten omdat er: ….. een veetransport doorheen gaat!




Heike Pirngruber (www.pushbikegirl.com) heeft hiervan onder-staande schitterende foto weten te maken, toen zij drie dagen geleden met haar fiets op weg naar Bishkek, in diezelfde tunnel ook een derge- lijk transport tegenkwam.



En dan mogen wij de tunnel door, waar wij aan het eind hartelijk afscheid van beide heren nemen, die van geen goede fooi wilden weten en zelfs, onze overredingskracht ten spijt, het middageten onderweg hebben betaald. Met twee uitnodigingen op zak (om bij hen langs te komen als we in de buurt zijn), zien we onder ons dat ze aan de afdaling zijn begonnen.



Hoe onze afdaling is geweest? Dat vertellen wij over twee dagen wel, zij het wel met wat minder plaatjes als vandaag.


routelink                               http://goo.gl/maps/bOEOu

standplaats                          Sosnovka

route kilometers                    114               totaal                   7597

extra kilometers                        0              totaal                     609

hoogtemeters                      2010              totaal                  38313

(de afstand en hoogtemeters met de vrachtwagen niet meegerekend)



12-05-2015 – steeds sportiever – we lopen weer wat stukjes

Eergisteren hebben wij inderdaad aan het meer nog een leuk slaapplaatsje gevonden en ons daar verbaasd hoe onstuimig het weer hier kan omslaan. De valwinden uit de bergkloof en al het onheil dat daar reeds in de lucht hing, vermengden zich plotseling boven het meer met de daar hangende warmere en vochtigere lucht.




Het schouwspel was wel mooi. We hebben ons toen wel even afgevraagd of het vanwege de rukwinden wel verstandig was om het tentje op te zetten. Maar kort daarna werd alles weer wat rustiger. De wind ging liggen en de onheilskoppen in de lucht verdwenen als sneeuw voor de zon.




De ochtend, die daarop volgde, deed alsof die avond niets aan de hand was geweest en kleurde de lucht staalblauw met in het oosten een scherpe zon, die later op de dag zijn recht om te stralen, goed zou laten gelden. Een reparateur van een oude Lada hield het toen ook maar even voor gezien.


Omdat op het meer geen veerpontje te bekennen was (Toktogul ligt precies aan de overkant van die grote waterplas), zijn wij maar begonnen aan een half rondje daar omheen. We hadden stilletjes gehoopt op een mooi strand met een vlakke boulevard, maar dat ging helaas niet door. Misschien wel beter ook, want anders hadden wij niet van die mooie vergezichten en afdalingen gehad. Wel waren de klimmen in de felle hete zon soms wat te zwaar voor ons, waardoor we af en toe een stukje moesten lopen, iets wat we de komende tijd ongetwijfeld meer zullen moeten gaan doen.




Een paar kilometer voor Toktogul, terwijl we aan het klimmen waren, werden we verrast door een tweetal stilstaande fietsers aan de andere kant van de weg. “Jullie moeten die twee uit Nederland zijn” hoorden wij tot onze verbazing zeggen. Het bleken Dimitri en Gulnara te zijn, hij een (van oorsprong Franse) Amerikaan, zij van geboorte een Tartaarse (die heb je naar nu blijkt, ook in kleine maatjes). Hij is in Alaska gestart en is qua uitrusting op alles voorbereid, zelfs een zeewaardige opblaasboot wordt door hem op zijn daarvoor aangepaste fiets meegenomen. Zij is (waarschijnlijk in Kazachstan) voor zijn charmes gevallen en daarna met hem meegefietst. Bij elkaar een heel leuk en interessant stel, dat wij heel graag beter hadden willen leren kennen. Hun site, die we ongetwijfeld eerdaags zullen bezoeken: www.nexusexpeditions.blogspot.com



Het is echter aan het eind van de middag, de zon begint al goed te zakken. Iedereen moet zijn weegs, maar voordat dat een vaststaand gegeven is, vertellen beiden nog wel even, dat ene Heike (ja die!) met een Fransman, die Osh had bezocht (ook die!), inmiddels in Bishkek waren aangekomen, evenals het Duitse stel met de Landcruiser van eergisteren. Eerdaags zullen wij nog een jong Zwitsers stel tegenkomen, die wat problemen hebben met een Rohlof-naaf en nu op onderdelen zaten te wachten. Het blijkt, dat wij na al die maanden het Aziatische fietsparadijs inmiddels dicht zijn genaderd.

We hebben gisteren laat in de middag langs de kant van de weg nog een schoon hotelletje gevonden, waar we konden overnachten. Vandaag hebben we wat voorbereidingen gemaakt voor de komende (klim-) dagen en Toktogul bezocht, wat een leuk plaatsje blijkt te zijn, waar het em- bleem van de hamer en sikkel niet is weggehaald en zowel straatnamen als standbeelden nog steeds verhalen over een roemrijk (Sovjet-) verle- den. We hebben hier echt de indruk gekregen, dat de Russen van de mensen hier niet weg hadden gehoeven.

Inmiddels hebben wij gehoord, dat onze permits voor de Pamir in Bishkek klaarliggen. Even daarna kregen wij een mailtje van Heike, dat zij (inder- daad met de ons bekende Fransman) in Bishkek is aangekomen. Na tien dagen (veel werken aan haar site in) Samarkand, heeft zij de grensover- gang naar Osh, dus ook die stad zelf, letterlijk rechts laten liggen, is eerder naar het noordoosten afgeslagen en via een kleine grenspost, even voor Tash-Komur (waar wij vier dagen geleden waren), Kirgizië binnen- gekomen.

Morgen staat de klim naar Bishkek op het programma, waarvoor wij vier dagen hebben uitgetrokken. Op de eerste dag trappen wij ons naar halver- wege de eerste pas. Daarna proberen wij daar overheen te gaan en aan de voet van de tweede pas ons tentje op te slaan, die we op de derde dag hopen over te komen. Als we daarvan afdalen, zullen wij onderaan de berg ergens een slaapplekje vinden om de dag daarna verder naar Bishkek te fietsen.



routelink                               http://goo.gl/maps/4yNsG

standplaats                          Toktogul

route kilometers                    67                         totaal                   7483

extra kilometers                     0                          totaal                     609

hoogtemeters                      866                         totaal                 38303



10-05-2014 – bloemen kleuren de velden diep paars en felrood

De afgelopen dagen hebben we versteld gestaan hoe de omgeving van de een op de andere dag kan veranderen. Toen wij laatst achter de benzine- pomp sliepen, waren de velden aan de andere kant de weg normaal groen. Bij het opstaan keken wij verrast hoe kleine klaprozen diezelfde velden felrood kleurden. Ook komen wij herhaaldelijk langs velden, die een paars kleed over zich heen hebben getrokken. De lente is hier inderdaad heel mooi. Het is gewoon jammer, dat straks de droge zomer zijn intrede doet, die de laatste sneeuw doet wegsmelten, het water laat verdampen en de omgeving een dorre uitstraling zal geven.




Nu hebben wij die mooie verschijnselen achter ons gelaten en rijden verder noordwaarts op zoek naar Toktogul, gelegen aan het gelijknamige meer om daarvandaan aan de klim naar de hoofdstad te beginnen. Gisteren hebben wij nagenoeg de gehele dag dezelfde rivier gevolgd, die herhaaldelijk door middel van dammen als waterbuffer wordt benut en waaruit soms hydro-elektriciteit wordt opgewekt.



Vanochtend waren we weer eens echt aan de beurt. Om het Toktogul-meer te bereiken, moesten we eerst naar de hoogvlakte klimmen, waarop de nietszeggende grijze stad Kora-Kol ligt.  Daarna volgde een bochtige weg door een schitterende natuur met veel veeboeren en fokkers van de mooie en ranke kleine paarden, die je vaak samen met yurts (ronde tenten) op plaatjes Kirgizië tegenkomt.





De bewolking boven ons is echter zo dreigend geworden, dat wij blij waren halverwege de middag in een stormnevel aan de afdaling naar het meer te beginnen, om aan de rand daarvan een slaapplekje te vinden, waar we heel snel onze tent op kunnen zetten. Juist op het moment, dat wij aan dat laatste denken te beginnen, stopt er voor ons een Toyota Landcruiser. Het zijn Danny en Heike Debaets uit München, die dit jaar door Rusland, Mongolië, Centraal-Azië, Iran en Turkije trekken. Hun belevenissen zijn te vinden op hun website: www.overland-discovery.de



Intussen hebben wij omtrent de permits voor de Pamir nog niets verno- men. Niet dat wij die per omgaande nodig hebben, maar het is wel heel prettig zekerheid daaromtrent te hebben, zodat we onze plannen een wat vastere omlijning kunt geven. Als we in Bishkek nog niets gehoord hebben, dan weten we waaraan we onze tijd ook wat kunnen besteden.


routelink                             http://goo.gl/maps/Di2mW

standplaats                        Kara-Kol + 45 km

route kilometers                   106                        totaal                   7416

extra kilometers                       4                        totaal                     609

hoogtemeters                     1643                        totaal                 37437



08-05-2014 – zelfs de landsgrenzen zijn hier grillig

Je zou denken, dat de overheersing door een gemeenschappelijke vijand (hoewel menigeen in Kirgizië daar anders over denkt), de landen onderling verbroederd zou hebben, maar niets is minder waar. Na het terugtrekken van de Russen zijn de nationalistische gevoelens weer naar boven gekomen, is men een in zichzelf gekeerd bestaan op gaan bouwen en grijpt men terug op de historische lokale krijgsheren. Al met al zijn de verschillen er niet kleiner op geworden. Onofficiële berichten maken melding, dat alleen al in het jaar 2008 tussen Oezbekistan en Kirgizië meer dan drieduizend (grens-) incidenten geweest zijn.

Hoe, op de kruising van deze landen, de grenzen zijn getrokken, weten we absoluut niet. Het is een gekronkel van jewelste en over een weer heeft men bezittingen of enclaves. De Russen hebben (snel-) wegen en spoor- lijnen aangelegd en zich daarbij (uiteraard) niet bekommerd om de lands- grenzen van de onderlinge landen. Nu kan het zijn dat je, om van de ene plaats in de andere te komen, met de trein of auto door een ander land heen moet, met de formaliteiten van dien. Dus als het enigszins mogelijk is, rijdt men gewoon een “stukje” om. Ook wij om van Osh naar Bishkek te komen.


Dat omrijden hebben wij vandaag achter de rug en verplaatsen ons inmiddels in noordelijke richting. De weg is goed, de klimmetjes niet vervelend en het weer wordt met de dag mooier. De temperatuur wordt steeds hoger en bereikt omstreeks het middaguur inmiddels de dertig graden. We proberen dan ook zo vroeg mogelijk te gaan fietsen om in het begin van de middag ergens wat (warms) te eten en daarna een slaapplekje te zoeken.



Vannacht hebben we achter een ongebruikt benzinestation geslapen, waar even verderop runderen en schapen vanuit de heuvels grazend hun weg naar de stal vonden.





Onderweg gaat het landschap, dat de afgelopen dagen wat “gewoontjes” was, ons weer verbazen. De kleurlijnen daarin laten zien, dat in het verleden de vulkanen hier de omgeving danig hebben laten trillen, laten knallen en knetteren, met hun gloeiende lava onveilig hebben gemaakt.




Nu hebben we even na het middaguur, na wat goed zoeken, een plekje hoog boven de rivier gevonden, waar we niet ons tentje kunnen opzetten, maar wel net genoeg ruimte hebben om enigszins vlak twee luchtbedjes neer te leggen. Al te koud zal het vannacht niet worden en veel ongedierte hebben we nog niet echt gezien, dus succes verzekerd.





routelink                             http://goo.gl/maps/FuhdD

standplaats                        Tash-Komur + 2 km

route kilometers                 126                         totaal                   7310

extra kilometers                     0                         totaal                     605

hoogtemeters                      785                        totaal                 35794



06-05-2014 – Jalal-Abad - een heel stoffig provinciestadje

We hadden gisteren een rustig en mooi ritje voor ogen. Het doel was Uzgen, iets meer dan vijftig kilometer verderop, dat naar men zegt, een leuk plaatsje is en dat een klein hotelletje met vier kamers heeft. Na eerst rustig wat als ontbijt naar binnen te hebben gewerkt, vertrokken we niet al te vroeg en namen de tijd om rustig de omgeving in ons op te nemen, die jammergenoeg in een regenachtige nevel was gehuld.




De ontmoeting die ochtend met een ander stel fietsers (hij een Duitser, zij een Française), die even lang als wij onderweg zijn, kwam ook heel goed uit. Van hen hoorden we een nieuwe ontwikkeling bij de grens van China.

Nadat ze in het noordoosten bij het Ysyk-Kul meer waren geweest (ons doel voor de komende dagen) dachten ze de dichtstbijzijnde grens met China, bij de Turugart-pas, over te steken. Aan de grens waren alle papieren in orde, er was alleen een probleempje. Ze hoorden daar dat China onlangs zijn grenspost honderd kilometer landinwaarts had verplaatst en daarmee hun niemandsland een stuk breder gemaakt, een groot stuk land waar je niet mag fietsen. Men wilde daar wel een taxi regelen, maar daarvoor moesten ze samen vierhonderdzestig dollar betalen, iets wat hun een beetje te gortig was. Na zevenhonderdvijftig kilometer voor niets te hebben gefietst, waren ze nu op weg naar Osh om daarvandaan via Sary-Tash naar de grenspost aan de Kyzyl-Art-pas te gaan. Daar zullen ze ook wel een taxi moeten regelen, maar die is minder duur omdat de verboden strook daar niet zo breed is.



Nadat we onderweg nog wat appels toegestopt kregen, was het in het begin van de middag, dat wij het plaatsje binnenreden en op zoek gingen naar het hotelletje annex restaurant. De enige aanwijzing die we hadden (vanuit Lonely Planet) was een telefoonnummer en dat het zich zo’n vijftig meter ten westen van een telecom-gebouw achter een groen hek aan de doorgaande weg  zou bevinden. Het bleek te weinig te zijn. Het telefoon-nummer was al aan een ander vergeven. Met hulp van anderen zijn we erachter gekomen, dat het hek niet groen meer was en dat alles wat zich daarachter bevond, onder een dikke laag stof zat. Het bedrijf had gewoon opgehouden te bestaan. Alleen een bord aan de kant van de weg wist nog te vertellen, dat zich hier een hotelletje bevond.

Nadat we door mensen herhaaldelijk verderop werden gestuurd, want daar ergens zou nog wel een hotel zijn, hebben we op de stadsgrens de knoop maar doorgehakt en zijn richting Jalal-Abad vertrokken. Als we onderweg een leuk slaapplekje vonden, dan zouden wij ons tentje wel opzetten. Het begin ging redelijk voorspoedig, zodat we aan het einde van de middag redelijk in de buurt van laatstgenoemde  stad kwamen. Alleen een heuvel- rug stond ons nog in de weg, maar daarna konden wij ons lekker laten afdalen. Hoewel we het eigenlijk best wel zat waren, het was al wat laat en we hadden ons een andere dag voorgesteld, zijn we toch maar aan de klim begonnen en zwetend ruim driehonderd gemene meters aan ons hoogte-totaal toegevoegd.




Helaas werden we de laatste tien kilometers ook nog getrakteerd op fnui- kend asfalt, dat ons hotsend in stofwolken alle kanten van de weg liet zien. We waren dan ook totaal gesloopt toen we net na zes uur voor een hotel tot stilstand kwamen. Niets maakte meer uit, de kamer niet, de prijs niet, alleen een lekkere douche en je daarna lekker onderuit laten zakken achter een glas helder bier.

Het hotel blijkt redelijk luxe te zijn, de prijs voor een kamer is daarmee in verhouding. Toch wilden wij eerst lekker uitslapen. Ook omdat het internet hier van een redelijke kwaliteit is, zijn we hier een extra nacht gebleven en vandaag de site aardig bij kunnen werken.

Het is de derde stad van Kirgizië, de plaats waar in 2005 de tulprevolutie begon, die zich onder meer keerde tegen de toenmalige corrupte en van machtsmisbruik beschuldigde president Akaev begon.

Toen deze naar de Rusland vluchtte en daar van alles afstand deed, leek het erop dat in Kirgizië de rust weerkeerde, maar de geschiedenis her- haalde zich in 2010, toen ook zijn opvolger Bakiev hiervandaan moest vluchten.

Ondanks dit alles is Jalal-Abad een wat stoffig en nietszeggend provincie- stadje gebleven, dat nu uitsluitend nog in het nieuws komt als de span- ningen tussen de Oezbeken en Kirgiziërs (water en vuur) hier wat teveel oplopen.




routelink                               http://goo.gl/maps/nb4Mn

standplaats                          Jalal-Abad

route kilometers                   107                         totaal                  7184

extra kilometers                       0                         totaal                    605

hoogtemeters                       680                         totaal                35009



04-05-2014 – veel Kirgiziërs zijn lelijk maar doen dat niet

Voor ons is het hier wat wennen. De kleurrijke kleding waarmee we in Turkmenistan en Oezbekistan werden verrast en zo van hebben genoten, is hier nagenoeg verdwenen. Moslims zijn hier openlijker en dringender aanwezig dan in Oezbekistan. Hun vlakkere, soms volledig kleurloze kleding (vooral bij de vrouwen) maken het straatbeeld er ook niet fleuriger op.

Je zou het niet zeggen, maar evenals de Oezbeken zijn de Kirgiziërs een Turks volk. Toch zijn de verschillen groot, maar dat zeggen wij van de Turken in Nederland ook (zij het in een wat andere context – de beste wonen thuis). De Mongools-Chinese invloeden zijn hier goed zichtbaar en dat maakt ze er absoluut niet mooier op. Ze hebben daarmee ook een wat expressieloos uiterlijk gekregen en verstaan de kunst dat te behouden, wat hen helaas een zekere matte uitstraling geeft. Na de eerste paar dagen hier kunnen wij zeggen, dat een Kirgiziër niet lelijk doet, maar dat wel vaak is. Aan de andere kant zijn ze hier best wel lief en uitzonderingen bevestigen de regel.







Heike heeft inmiddels laten weten, dat de grens tussen Kirgizië en Tadzjikistan weer open is gegaan. Het guesthouse kon via een bevriend agentschap in het laatste land voor ons een GBAO-permit voor de Pamir regelen. We hebben dat maar meteen gedaan. Binnen drie werkdagen krijgen wij via de mail een kopie daarvan. De originele exemplaren kunnen wij straks in Khorog afhalen.

Morgen vertrekken wij richting Bishkek, de hoofdstad van dit ongeveer vijf miljoen inwoners tellend land. De stad zelf telt zo’n negenhonderdduizend zielen. Niet dat daar veel te beleven is, maar we moeten er naartoe om een visum voor China te bemachtigen. De visa hier worden (tegenwoordig) niet meer rechtstreeks door de ambassade verstrekt, maar uitsluitend via tussenkomst van een zekere mevrouw Liu, die daar een reisagentschap heeft. Haar tussenkomst mag dan wel wat kosten, maar ze neemt je ook heel wat werk uit handen (o.a. een volledig reisplan maken, compleet met alle hotelboekingen, die je na ontvangst van je visum gewoon weer moet annuleren). Via internet hebben wij begrepen, dat met haar in de arm, je succes verzekerd is. We zijn benieuwd hoe het ons met haar zal vergaan, maar dat zal wel even duren want Bishkek ligt een kleine zevenhonderd kilometer verderop.

Daarna zullen wij een tocht om het Ysyk-Kol meer in het noordoosten maken om vervolgens in zuidelijke richting het Pamir-gebergte in Tadzji-kistan op te zoeken, waarbij we er nu al vanuit gaan, dat de daarvoor benodigde permits eerdaags in ons bezit zullen zijn. Halverwege juni aanstaande hopen we dan ook vanuit Sary-Tash de grens met dat land op de Kyzyl-Art pas (4336 meter) over te steken. Hoe dat zal gaan weten we nog niet. Op basis van onze ervaringen tot aan dat moment, zullen we redelijk in kunnen schatten of Guus die hoogte al dan niet fietsend kan overbruggen. We zijn al een hele tijd niet meer op zeeniveau geweest, maar een stuk hoger. Misschien dat dit ook van invloed is op het slagen van deze actie.


routelink                               http://goo.gl/maps/j93Ch

standplaats                          Osh  

route kilometers                    0                          totaal                    7077

extra kilometers                    0                          totaal                      605

hoogtemeters                        0                         totaal                   34329



02-05-2014 – geen kofferbakhandel maar containerverkoop

We proberen ons altijd in te leven in een land dat wij gaan bezoeken. Vaak doen wij dat al thuis, boeken genoeg en een goede bibliotheek vlak om de hoek (Dordrecht). Verder zijn onderweg de e-books een welkome aanvul- ling op wat we nog niet weten, maar vooral internet zelf. We lezen dan ook heel wat af om te weten te komen hoe je een land in kunt, wat de zeden en gewoonten zijn, wat je wel en niet moet doen, maar vooral wat er van je wordt verwacht. Want als dat laatste aan de orde komt, heb je het eerste contact met die gemeenschap al gemaakt. Het zou dan heel jam- mer zijn als je “wat” vergeten zou zijn of iets gewoon niet wist.  

Eergisteren zijn wij Kirgizië binnengekomen en verbazen ons erover, waar in dit land de politie / leger is, waar de controles zijn, het zijn toch dingen waar je in Turkmenistan en Oezbekistan rekening mee moest houden? We worden hier niet nagekeken, we kunnen weer met alles en iedereen nor- maal omgaan, we hoeven geen verantwoording af te leggen wat we hebben gedaan, niet uit te leggen wat je met je geld hebt gedaan, niet op je eigen fototoestel te moeten uitleggen wie de personen zijn van wie je een plaatje hebt genomen. Er is hier een last van ons afgevallen.



We slapen nu lekker in een door twee jonge islamieten gerund guesthouse, dat gevestigd is in het derde portiek op de vierde woonlaag van flat 8, gelegen aan de Masalieva Ave en nummer 48 heeft. We hebben er wel wat naar moeten zoeken. De bewuste flat ligt niet aan de Masalieva Ave, maar pal achter flatgebouwen met nummers 1 t/m 4 die wel aan die “Avenue” liggen. Met het zoeken naar adressen hebben wij helaas wat moeite, maar dat vinden wij ook niet erg. Je leert op zo’n manier heel wat buren kennen en zij ook jou, waardoor ook jij van hun sociale controle verzekerd bent.

“Osh-guesthouse”, zo heet het leuke gebeuren, heeft sinds kort een appar- tement met twee mooie kamers op de tweede verdieping in datzelfde por- tiek betrokken. Op die plek voelen wij ons wat meer thuis. Daar hangen (nog) geen briefjes aan de muur zoals “No pork in the refrigerator”, “No smoking and no alcohol in this house”, “Fine 50 Dollars”. Het is de eerste plek ooit, waar wij zelf ons afval aan de weg zetten, dit om scheve gezichten met de twee jongemannen te voorkomen.




De markt is hier een levendig gebeuren, maar doet heel rommelig aan door het vergaande gebruik van zeecontainers in plaats van de bekende houten stalletjes. Het doet ons denken aan de jaarlijks terugkerende kofferbakverkoop. Na sluitingstijd zijn ze wel beter inbraakvrij dan het zeiltje, dat anders over de koopwaar zou zijn gegaan. Men gaat wel heel creatief met deze containers om en deinst er niet voor terug om op de bestaande winkel een tweede verdieping te zetten. Als wij met regelmaat voor ons bekende namen op deze stalen dozen zien staan, vragen we ons wel af of de eigenaar wel weet, waar en welke eindbestemming zijn container in den vreemde gekregen heeft.




routelink                               http://goo.gl/maps/j93Ch

standplaats                          Osh

route kilometers                      0                         totaal                   7077

extra kilometers                      0                         totaal                     605

hoogtemeters                          0                        totaal                  34329



30-04-2014 – de oversteek naar een aanlokkelijk Kirgizië

Hij heeft ons een hand gegeven, maar zich niet voorgesteld. Wel werden wij door hem verteld wat er van ons verwacht werd. Gewoon keurig eerst een uitreisbriefje invullen en dat samen met het exemplaar, dat werd afgestempeld toen wij het land inkwamen, bij zijn collega inleveren. Daarna is hij gaan zitten achter het middelste van de drie tegen elkaar geschoven bureaus.

Even later was hij zijn collega behulpzaam, die naast hem zat en wat moeite had met de verantwoording van de hoeveelheid geld, dat wij het land hadden “ingevoerd” en het bedrag dat wij nu het land wilden “uitvoeren”. Het heeft ons wel wat tijd gekost om uit te leggen, dat wij in Buchara geld (dollars) hadden opgenomen met een creditcard. Zijn berekening klopte pas, toen hij van ons het betreffende opnamebiljetje had ontvangen. Het is maar goed dat wij dergelijke dingen altijd enige tijd bewaren en pas daarna kijken of we wat daarvan kunnen weggooien. Alles werd keurig aan elkaar vastgemaakt en de man was met ons klaar (misschien wij met hem ook wel, want in het hele kwartier dat hij met ons bezig was, had hij ons geen blik waardig gegund).

Zijn collega die ons verwelkomd had, deed dat ondertussen wel. Hij vroeg quasi geïnteresseerd van alles aan ons: “Waar komen jullie vandaan?” “Wat is jullie route geweest?” “Hoe lang hebben jullie erover gedaan die pas over te komen?” enzovoort. Toen zijn collega met ons klaar was, werd zijn rol in het gehele gebeuren opeens een stuk duidelijker.

Van hem moesten eerst onze fietsen naar binnen, daarna de bepakking er vanaf, waarvan verwacht werd dat je die keurig op een rij op de grond voor hem neerzette. Daarna hadden onze tassen geen enkele interesse meer voor hem. “Hebben jullie boeken bij jullie?” “Hebben religieuze geschriften bij jullie?” “ Hebben jullie souvenirs gekocht in Khiva, Buchara, Samarkand…?” Telkens konden wij hier ontkennend op antwoorden. Daarna vroeg hij al onze gegevensdragers op de vensterbank te leggen en die aan te zetten. Alsof hij in de elektronica had gewerkt, wist hij door alles wat daarop zat heen te bladeren, maar zijn meeste aandacht ging uit naar de afbeeldingen. “Waar is deze foto genomen?” “Wat is dat?” “Zijn jullie door de politie op enig moment gewaarschuwd om ergens geen foto’s van te maken?” Van ons kwam weer een ontkennend antwoord.

Waarschijnlijk had hij daarna zijn tijd erop zitten. “In jullie tassen zit toch alleen maar jullie kleding, wat om te eten, enzovoort?” Het was de eerste keer dat wij eindelijk ja konden zeggen, waarmee hij klaarblijkelijk tevreden was, want we mochten alles weer opladen en ons uitreis- stempeltje ophalen. Nadat men een uur me ons bezig te zijn geweest, stond de weg naar de grens met Kirgizië (een goede honderd meter verder) voor ons open.

Halverwege kijken we elkaar verbaasd aan. Hij heeft niet naar de regis- tratiebriefjes gevraagd! Zou de willekeur dan echt zo’n grote rol spelen, of kan het zijn dat alle overnachtigingsgegevens van ons al in hun systeem waren ingevoerd? Zekerheidshalve voor iedereen, houden wij het maar op het laatste.


Men vertelt dat, na de terugtrekking van de Russen, Kirgizië het liberaalste land van deze Aziatische regio geworden is. De jongeman (wel in leger- uniform maar niet zo nadrukkelijk), die voor ons het hek daar open maakte, vroeg aan ons hoe lang het aan de zijde van Oezbekistan had geduurd. Wij lieten hem weten, dat wij daar ongeveer een uur kwijt waren geweest. “Bij ons hooguit tien minuten” liet hij ons glimlachend weten. Hij had gelijk, binnen een paar minuten hadden wij een stempeltje voor zestig dagen verblijf in ons paspoort. Geen poespas met invullen van papiertjes, geen controle van de bagage, geen verdere vervelende vragen. Nee, alleen een stempeltje in je paspoort was voldoende om Kirgizië binnen te kunnen rijden, wat een heerlijkheid!


routelink                              http://goo.gl/maps/j93Ch

standplaats                         Osh

route kilometers                    51                         totaal                   7077

extra kilometers                      0                         totaal                     605

hoogtemeters                      550                         totaal                 34329

  

 

                                                   "in oosterse sferen"

een bonte verzameling indrukken